Landbouw moet slimmer omgaan met grondstoffen

Voor een betere voedselvoorziening moet de landbouw niet langer inzetten op het maximaliseren van opbrengsten per hectare, maar op een beter en duurzamer gebruik van grondstoffen en water. Samenwerking tussen landen is daarin cruciaal. Dat stelt Dirk Jan Kennes, global strategist bij Rabobank Food & Agribusiness Research.

Kennes onderzoekt de ontwikkeling van de productiviteit in de landbouw en de veehouderij. Dat is een belangrijk vraagstuk, omdat de wereldbevolking groeit van zeven miljard mensen nu naar meer dan negen miljard in 2050. Daardoor zal de vraag naar voedsel aanmerkelijk toenemen. Banking for Food is de visie van de Rabobank op het wereldvoedselvraagstuk en de rol van de Rabobank daarin.

Ingezet op productieverhoging

De afgelopen tien jaar hebben boeren wereldwijd ingezet op productieverhoging. Tien jaar geleden werd duidelijk werd dat de wereld te maken heeft met een voedseluitdaging. Daardoor stegen prijzen voor veel producten prijzen. Daarop hebben boeren ingezet op meer productie en oogstten ze meer kilo’s graan en oliezaden per hectare. Kennes: ‘In 2006 keken we aan tegen een immense uitdaging om de wereld in 2050 te kunnen voeden. In tien jaar tijd is ongeveer de helft van de benodigde productiestijging gerealiseerd.’

Grenzen aan productiestijging

‘De groei is gerealiseerd tegen de grenzen aan van wat verantwoord is’, zegt Kennes. Het gebruik van kunstmest is de afgelopen tien jaar bijvoorbeeld met 23 procent gestegen. Vanuit duurzaamheidsoogpunt zijn er grenzen aan de inzet van kunstmest en chemische gewasbeschermingsmiddelen om de productie steeds verder op te voeren. Ook is aardolie nodig voor de productie ervan.
‘Het roer moet om en dat kan ook’, zegt de Rabobank-analist. ‘Er zijn nu nog zo’n 30 jaar over om de andere helft van de benodigde extra productie te realiseren. Dat biedt ruimte om dat wereldwijd duurzamer en meer ecologisch verantwoord te doen. Het moet nu er niet meer om gaan dat boeren, koste wat het kost, een zo hoog mogelijke productie per hectare realiseren. Het gaat er nu om dat ze de beschikbare grond, grondstoffen en water zo efficiënt en duurzaam mogelijk inzetten voor voedselproductie.'

Beter gebruik natuurlijke kringlopen

Nieuwe technieken en nieuwe inzichten zijn nodig, die boeren kunnen toepassen. Het gaat om inzichten in bodemvruchtbaarheid, precisielandbouw (specifieke behandeling van planten en dieren, in plaats van per veld of stal), het beter en slimmer gebruik maken van natuurlijke kringlopen, voeding en huisvesting van dieren. Door inzichten daarin goed toe te passen, kunnen boeren komen tot meer productie met dezelfde hoeveelheden grond, grondstoffen en water, zonder dat ze extra chemische hulpmiddelen inzetten en de grond uitputten.

Landen vullen elkaar aan

Dit kan niet zonder meer samenwerking tussen landen en regio’s in de wereld, omdat landen elkaar aanvullen en nodig hebben. Kennes geeft aan dat er niet één recept is dat voor de hele wereld geldt. Er zijn landen met veel landbouwgrond en grondstoffen die ook nog eens grootschalige, moderne landbouw kennen, zoals de Verenigde Staten, Nieuw-Zeeland en Australië. Deze landen zouden moeten inzetten op nog slimmere technologie. Landen als India en China, die een lage productiviteit kennen en betrekkelijk weinig grondstoffen, zouden vooral moeten inzetten op eenvoudige technologie, aangevuld met hoogstaande praktische kennis, bijvoorbeeld over graanteelt en het fokken en voeren van varkens of koeien. Dat biedt dan weer kansen voor een land als Nederland, dat weinig grond en grondstoffen heeft, maar wel beschikt over hoogstaande kennis.

54 miljard kilo graan minder nodig voor varkensvlees

Het potentieel is groot. Kennes noemt China als voorbeeld, het land met de meeste varkens ter wereld. Het land kan de productie van varkensvlees ontwikkelen door bijvoorbeeld gebruik te maken van betrekkelijk goedkope granen en andere veevoeders uit de Verenigde Staten, aangevuld met kennis, onderwijs en dienstverlening uit Nederland. Nederlandse varkens zetten voer veel efficiënter om in vlees dan varkens in China nu. Weten de Chinezen de Nederlandse efficiency te bereiken, dan betekent dat 54 miljard kilo minder graan nodig is voor de productie van varkensvlees.