Wie neemt aandeel in betere voedselvoorziening?

Om de wereld duurzaam van meer voedsel te voorzien, is het belangrijk dat boerenbedrijven meer gaan produceren, met de inzet van minder grondstoffen. Welke boeren gaan deze verbeteringen realiseren en wie hebben zij daarbij nodig? Berry Marttin, lid van de raad van bestuur van Rabobank, geeft zijn visie.

'Als we in 2050 meer dan negen miljard mensen op deze aarde duurzaam willen voeden, twee miljard meer dan nu, begint dat met boerenbedrijven die effectiever, duurzamer en slimmer voedsel gaan produceren. Concreet: meer kilo's rijst per hectare, meer kilo's graan per liter water of bij een koe meer liters melk per kilo voer, maar wel met minder afval en uitstoot van broeikasgassen. De vraag is: in welke regio's nemen boerenbedrijven een aandeel in deze ontwikkeling? In elk geval de moderne, professionele boerenbedrijven in westerse landen. Zij tekenen nu al voor een groot deel van de voedselproductie. Zij hebben zelf de mogelijkheden en ambitie om hun bedrijfsvoering te verbeteren. Ook de kleinschalige landbouw in Afrika, Azië en delen van Zuid-Amerika kan stappen zetten. Veel van de boeren in deze gebieden kunnen vandaag de dag nauwelijks in de eigen voedselbehoefte voorzien. Met eenvoudige hulpmiddelen kunnen zij de productie op hun kleine stukje land verbeteren, zodat zij zelfs voedsel kunnen produceren voor anderen. Dat betekent veel voor de wereldvoedselsituatie!'

Inzet van alle spelers in voedselketen

'Om verbeteringen in de productie door te voeren, hebben boeren de inzet van alle spelers in de voedselketen nodig. Want duurzame vooruitgang in de voedselproductie is niet het resultaat van één maatregel, maar van de optelsom van goed afgestemde initiatieven: betere dierrassen en plantenzaden, betere bemesting en gewasbescherming, betere machines, meer kennis, meer financiële middelen en betere afzetmogelijkheden.'

Regionale netwerken rondom het boerenbedrijf

'Rabobank heeft hierin ook verantwoordelijkheid en die nemen we, onder de vlag van Banking for Food. In veel regio's, van Australië tot Nederland en de Verenigde Staten, brengen we boeren, leveranciers, afnemers en beleidsmakers bij elkaar. In deze regionale netwerken rondom het boerenbedrijf ontstaan ideeën en gaan mensen werken aan oplossingen. Het summum daarvan vind ik de Global Farmers Masterclass die we al enkele keren georganiseerd hebben, waar topondernemers uit verschillende landen elkaar ontmoeten en elkaar inspireren. Er komen nieuwe Global Farmers Masterclasses en we gaan hiervan een online doorvertaling maken met het platform 'Enabling Farmers'. Dat wordt dan toegankelijk voor meer agrarisch ondernemers.'

Internationale netwerken met beleidsmakers

’Daarbij moeten wij de betekenis niet onderschatten van de internationale netwerken. Zij lijken ver af te staan van het boerenerf, deze netwerken met beleidsmakers, politici en grote spelers in de agribusiness. De gesprekken die daar worden gevoerd, gaan over wat prioriteit heeft in de verbetering van voedselzekerheid in de wereld en hoe deze ontwikkelingen een stimulans kunnen krijgen. Rabobank ontvangt veel uitnodigingen voor deze netwerken en overlegtafels, zoals de ronde tafels voor bijvoorbeeld soja en palmolie.'

Samenwerking met FAO

'Welke bijdrage levert zo'n internationaal initiatief van beleidsmakers aan het succes van onze klanten? Deze vraag, die we ons stellen bij elke aanvraag, speelde ook toen we enkele jaren geleden in gesprek raakten met de FAO, de wereldvoedselorganisatie van de Verenigde Naties. Begrijp me goed: het is voor Rabobank een hele eer om met de Verenigde Naties op het gebied van landbouw en voedsel samen te werken, maar wat hebben boeren eraan? Samen met de FAO zijn we daar uitgekomen. Vanaf de eerste dag van het partnership, nu ruim twee jaar geleden, kunnen boerenfamilies in Ethiopië, Tanzania en Kenia investeren in betere zaden en een betere afzet van hun producten. Rabobank brengt kennis en ervaring in over coöperatievorming en financiering, terwijl de FAO expert is in agrarische trainingsprogramma’s en relaties met lokale overheden. Het concrete resultaat van onze samenwerking moet worden dat boeren in Tanzania 6.500 kilo rijst per hectare gaan oogsten, acht keer zoveel als oorspronkelijk.'

'Vanuit de kleinschalige praktijk van Afrika ontstaan ideeën om boeren nog beter te ondersteunen. Deze ideeën zijn ook heel relevant voor grote en professionele agrarisch ondernemers in Australië of Nederland.'

Berry Marttin, raad van bestuur Rabobank

Nieuwe ideeën vanuit de praktijk

'Vanuit de praktijk ontstaan nieuwe vragen en ideeën om met het FAO-Rabo partnership boeren nog beter te ondersteunen. Ze zijn afkomstig uit de kleinschalige praktijk van Afrika, maar ze zijn ook heel relevant voor grote en professionele agrarisch ondernemers in Australië of Nederland:

  • Hoe kunnen we er samen voor zorgen dat meer jongeren thuis het familiebedrijf overnemen?
  • Onderzoekers van de FAO en Rabobank hebben veel kennis. Hoe kunnen zij samen praktische antwoorden geven op vragen die leven in het veld?
  • Als we de informatie hebben, hoe kunnen we mobiele telefonie inzetten om die informatie sneller en beter bij de boeren te krijgen?

Ik zie dit als concrete uitdagingen voor 2016, waar we samen met partners uit ons netwerk invulling aan moeten geven. Zo vertalen we 'Banking for Food' naar de praktijk van onze klanten: we stellen onze kennis en onze netwerken ter beschikking van onze klanten. Een prachtig voorbeeld van de coöperatieve grondgedachte van aandeel in elkaar.'