Global Farmers benoemen knelpunten voor de Zambiaanse landbouw

Van 11 tot 18 juni 2016 kwamen in het Afrikaanse Zambia twintig boeren uit de hele wereld bijeen om te onderzoeken wat er nu echt nodig is om de Afrikaanse landbouw tot bloei te brengen. Ze bestudeerden culturele, maatschappelijke en economische aspecten van Zambia, én de kenmerken van de Zambiaanse landbouwsector in het algemeen.

Hun hoofdconclusie: veranderingen bewerkstelligen aan de hand van zakelijke modellen uit hoogontwikkelde landen werkt niet – het bieden van keuzemogelijkheden en het betrekken van de lokale gemeenschappen kan wél succesvol zijn. De sector is complex, de uitdagingen zijn talloos. Desondanks hebben de Rabobank en het Global Farmers-gezelschap inzicht gekregen in de belangrijkste knelpunten die in de Zambiaanse landbouw spelen.

Landbouwpotentieel

De Rabobank nodigde twintig boeren uit de hele wereld uit om een speciale Global Farmers Masterclass bij te wonen. Deze Afrikaanse editie was uitsluitend bedoeld voor eerdere masterclass-deelnemers. Zij hadden in vorige edities van de masterclass al hun interesse in het continent en in het Afrikaanse landbouwpotentieel laten blijken. Tijdens de Afrikaanse editie kwamen deze Global Farmers alles te weten wat er te ontdekken valt over de Zambiaanse landbouwsector. Ze ontmoetten vertegenwoordigers van het Zambiaanse Ministerie van Landbouw, nationale landbouwsectororganisaties en agribusiness-bedrijven, maar ook non-profit en niet-gouvernementele organisaties als Musika en het Wereldvoedselprogramma. Ze bezochten kleine boeren en grote landbouw-bedrijven, vestigingen van de voedselverwerkende industrie en importorganisaties om met eigen ogen te zien hoe de sector werkt en welke uitdagingen en kansen er liggen.

De landbouwsector in vogelvlucht

De food- en agrisector van Zambia kent vele pluspunten: Zambia is twintig keer groter dan Nederland en bijna net zo groot als Frankrijk en Engeland samen. Het is echter dunbevolkt, terwijl maar liefst 45 procent van het land vruchtbaar is. En de volgende generatie staat al te trappelen; ongeveer tweederde van de bevolking is jonger dan 24. Anders dan in de buurlanden is er in Zambia voldoende water beschikbaar. En de landbouwsector omvat alle vormen van landbouw die Afrika kent; van kleine boeren tot opkomende en grote commerciële landbouwbedrijven, plus een grote voedselverwerkende industrie.

 

640_global_farmers

Paradox

Zambia produceert veel van de basisgrondstoffen waar de wereld om vraagt, waaronder maïs, soja, tarwe, suiker en aardappelen. Ondanks deze ogenschijnlijk gunstige uitgangspositie lijkt de sector maar geen vlucht te willen nemen. Zambia importeert zo'n twintig procent van het lokaal geconsumeerde voedsel. Hoewel circa 45 procent van het land vruchtbaar is, wordt slechts 15 procent van dat oppervlak benut. De urbanisatiegraad bedraagt meer dan 40 procent - en wordt vooral gedreven door de hoge armoede op het platteland, iets dat ondanks de gunstige economische ontwikkelingen vrijwel niet is veranderd; wat nogal een paradox mag heten.

Uitdagingen

'Hoe meer we ontdekken, hoe minder we lijken te weten', zei deelnemer Bruno Melcher uit Brazilië over deze paradox. Zambia is bijna uitsluitend afhankelijk van de koperwinning (goed voor 75 procent van de totale uitvoer van het land) en dat heeft in combinatie met negatieve wisselkoersontwikkelingen een ongunstige invloed op de food- en agrisector. Wat betreft de sector zelf merken de Global Farmers op dat toegang tot financiering moeilijk is, omdat landbouwgrond doorgaans niet als betrouwbaar onderpand wordt gezien. Bovendien zijn de meeste landbouwers kleine boeren die slechts twee tot drie hectare land bewerken. Ze hebben weinig landbouwkennis, leveren een lage productiviteit en zijn kwetsbaar voor plantenziekten en variatie in de regenval. De import wordt bovendien gehinderd door ingewikkelde douaneprocedures en taalbarrières. Er zijn weliswaar hulpmiddelen beschikbaar, maar tegen hoge kosten. En er zijn nauwelijks deskundige dienstverleners en voorlichters om een betrouwbare infrastructuur te garanderen. Er is vooral gebrek aan basaal geschoolde arbeidskrachten en aan ontsluiting van de beschikbare kennis.

Belangrijkste knelpunten

Op basis van de deze week opgedane kennis hebben de Rabobank en de Global Farmers nu een beter beeld van de belangrijkste knelpunten in het ontsluiten van het potentieel van de Afrikaanse landbouw. Dat zijn de behoefte aan praktijkgerichte scholing over landbouwpraktijken, landgebruik en landverwerving (waar culturele tradities nog veel invloed op hebben), het gebrek aan infrastructuur, middelen en irrigatie alsmede gebrek aan kennis over ondernemerschap en economische rentabiliteit - met als doel om van de vader-op-zoon-traditie over te stappen op het organiseren van de landbouw als winstgevende bedrijfsactiviteit.

Gedeelde verantwoordelijkheid

Rabobank-bestuurslid Berry Marttin voegde hieraan toe: 'Afrika en Zambia beschikken over alle ingrediënten die nodig zijn om van de landbouwsector een succes te maken, maar het is lastig om ze op de juiste manier met elkaar te combineren. Dat lukt niemand alleen – het is een gedeelde verantwoordelijkheid. En toch zien we bij elk succesvol project dat er minstens één ware katalysator is die zich er volledig op wil storten; niet alleen met geld, maar ook met zijn of haar imago, persoonlijkheid en passie… voor de volle honderd procent.'

Deze Afrikaanse Global Farmers Masterclass was een geweldige en inspirerende ervaring. Deelnemer Bill O'Keeffe bracht het als volgt onder woorden: 'Deze week heeft mijn blik verruimd. Nu zie ik ook mijn eigen wereld met nieuwe ogen.'

Lees meer