Scherpe prijsbewegingen vragen om passende financiering

De sterke prijsschommelingen voor melk en andere landbouwproducten vragen om aandacht voor de ontwikkeling en financiering van landbouwbedrijven. De Rabobank is daarom bezig met nieuwe financieringsvormen.

'We moeten financieringsstructuren maken waarmee we de nieuwe realiteit kunnen aangaan. De markten en prijsontwikkelingen zijn niet meer zo lineair', zei Berry Marttin, lid van de raad van bestuur van de Rabobank, begin april 2016 in een ontmoeting met Nederlandse landbouwjournalisten.

Melkprijs is 35 procent gedaald

Marttin doelt onder meer op de situatie in de melkveehouderij. Wereldwijd zijn de prijzen laag door de lagere vraag en het grote aanbod van melk. Melkveehouders in Nederland ontvangen nu zo'n 27 euro per 100 kilo melk (exclusief toeslagen), zo'n 5 euro (15 procent) minder dan een jaar geleden. De huidige prijs is zelfs 15 euro (35 procent) lager dan op het hoogtepunt van 2014. Prijsherstel verwacht de Rabobank niet eerder dan eind 2016. Met ruim 12 miljard euro aan verstrekte financiering is de melkveehouderij in Nederland verreweg de grootste landbouwsector die de Rabobank financiert. In totaal heeft de Rabobank wereldwijd bijna 100 miljard euro uitstaan in landbouw en voedingssector.

Meer of minder aflossen

Om in te spelen op deze prijsbewegingen, start de Rabobank in Ierland met een zuivelonderneming en een financier een flexibel financieringsproduct voor melkveehouders. Marttin: 'Bij een goede melkprijs gaat de melkveehouder meer aflossen, bij een lage melkprijs minder. Dit soort oplossingen heeft een lange implementatietijd, maar er is nu al veel interesse vanuit Europa en ook Nederland voor deze oplossing.’ Het gaat niet alleen om de uitwerking voor individuele klanten, maar ook voor de sector als geheel. Lage prijzen zorgen normaliter voor minder aanbod van melk en dus voor marktherstel, maar werkt dit marktmechanisme ook als grote groepen melkveehouders de financiële pijn minder voelen doordat ze minder hoeven af te lossen? In Ierland worden daarom boeren individueel beoordeeld of ze in aanmerking komen voor dit flexibele financieringsproduct.

Bedrijven door het dal helpen

Intussen zijn ondernemers en de Rabobank al bezig om met bestaande producten in te spelen op de lage prijzen, die bij veel melkveehouders zorgen voor een krappe lopende rekening. 'In de Ierse aanpak zitten componenten die we nu in Nederland ook al toepassen om goede bedrijven uit het dal te helpen. In de melkveehouderij is de vermogenspositie goed. Als een ondernemer liquiditeitstekorten op tijd ziet aankomen, komt hij er met de bank wel uit. In veel gevallen kunnen aflossingen opgeschort worden, omdat er genoeg zekerheden tegenover staan', zegt Ruud Huirne, directeur Food & Agri Nederland bij de Rabobank.
Een andere trend in financiering is dat melkveehouders minder kapitaal vastleggen in grond en machines. De Rabobank signaleert dat melkveehouders minder vaak grond aankopen en meer pachten (huren), en vaker machines leasen in plaats van kopen. Huirne: 'Ondernemers vragen zich af of ze al hun vermogen moeten vastleggen in grond, als opbrengstprijzen maar ook voerkosten steeds beweeglijker worden.'

Consumptie stijgt

Voor producten als melk en varkensvlees mag er dan sprake zijn van een stevig prijsdal, op langere termijn zijn de vooruitzichten positief. Wereldwijd zal de consumptie van vlees de komende jaren sterk stijgen, zo verwachten Rabobank-analisten. Voor melk is dat niet anders. Marttin geeft aan dat de wereldwijde zuivelconsumptie elk jaar toeneemt. Dat de zuivelmarkt het laatste jaar zo slecht is, komt door meer aanbod in combinatie met minder vraag uit Rusland (handelsboycot EU), China (hoge voorraden in een vertragende economie) en olie-exporterende landen, die vanwege de lage olieprijs minder geld te besteden hebben.

Concurrentiepositie

Of prijzen nu hoog of laag zijn, land- en tuinbouwbedrijven moeten onophoudelijk werken aan hun internationale concurrentiepositie. 'Stilstand is achteruitgang', zegt Huirne. De melkveehouderij heeft de afgelopen jaren stappen gezet, maar staat nu stil. Voor de Nederlandse varkenshouderij en glastuinbouw is er meer werk aan de winkel. Huirne: 'Het gaat om bouwen aan toegevoegde waarde. Er moet meer geld vanuit de markt in de productieketen komen, anders wordt het armoede verdelen. Verder is het belangrijk dat een revitalisering plaatsvindt: sanering van bedrijven die geen perspectief hebben om uitbouw mogelijk te maken van bedrijven die wel perspectief hebben. Innovatie is permanent nodig om kosten te verlagen en de duurzaamheidsprestaties te verbeteren.'

Lees meer