Geen geouwehoer, wij eten van onze boer

‘Als er één regio in Nederland geschikt is om het voedsel van de toekomst te ontwikkelen en uitproberen, dan is het wel Groot Amsterdam. We hebben massa, veel inwoners, toeristen en dagjesmensen, waardoor een kleine stap in de goede richting al veel impact heeft. Een deel van deze massa is koopkrachtig, en een bovengemiddeld aandeel heeft interesse in nieuwe soorten voeding te proberen. Dan is er ook nog erg veel horeca in de hoofdstad, die stuk voor stuk als proeftuin kunnen optreden. Deze combinatie maakt Groot Amsterdam de ideale plek om te experimenteren met voedseloplossingen voor de toekomst.’

Dit zei directievoorzitter Barbara Baarsma van Rabobank Amsterdam op het start-event van Food Forward Groot Amsterdam. In navolging van Friesland, Flevoland en Gelderland, is Food Forward nu in de hoofdstad neergestreken. In dit speciaal door Rabobank ontwikkelde programma gaan ondernemers, bankiers en consumenten samen op zoek naar voedseloplossingen voor de toekomst.

‘De voedselsector staat voor een stevige uitdaging’, zegt Kees de Jonge, directeur Food&Agri Metropoolregio Amsterdam bij Rabobank. In 2050 heeft de wereld tien miljard monden te voeden. De mondiale voedselproductie moet omhoog. Maar op hetzelfde moment lopen we, zeker in Nederland, op tegen de milieugrenzen. De uitstoot van stikstof en broeikasgassen, moet omlaag. Tegelijk zijn de marges van veel boeren eigenlijk te smal om de gevraagde investeringen in een duurzamere bedrijfsvoering te kunnen dragen.

Verspilling

Wie denkt dat het goeddeels verstedelijkte Groot Amsterdam zich aan de problemen kan onttrekken, komt bedrogen uit. Zoveel blijkt uit de Regioscan die analisten van Rabobank hebben uitgevoerd. De 2 miljoen inwoners van de regio verspillen nog altijd wekelijks 22 vrachtwagens aan voedsel. Een gemiddelde maaltijd in de stad heeft tot tienduizenden kilometers gereisd. ‘En dit terwijl wij hier zoveel mooie voedselbedrijven hebben’, aldus De Jonge. ‘Van de kaas uit de Beemster, melk en zuivel uit het Groene Hart tot de akkers in de Haarlemmermeer- en Flevopolder en de vis uit de Noordzee.’

Amsterdammers kunnen bijdragen aan de voedseloplossingen van de toekomst door concepten te ontwikkelen, door minder te verspillen en meer lokaal te eten. De vraag is alleen hoe?

Met Food Forward brengt Rabobank de hele voedselketen — van boer tot consument en iedereen daartussen — met elkaar in gesprek om nieuwe oplossingen te vinden om de wereld te voeden. De uitkomst van de eerste bijeenkomst in Amsterdam, is ronduit inspirerend en hoopvol.

Hardop dromen

Gezeten aan lange tafels worden de disgenoten uitgenodigd om op zoek te gaan naar vernieuwende ideeën voor onze voedselvoorziening. Het diner is nadrukkelijk bedoeld om een dialoog te starten en dat mag best spannend zijn. Zo dineren veehouders met vegetariërs. Koks met consumenten. Akkerbouwers met voedselimporteurs.

Niemand mag van tafel totdat er tenminste één oplossing bedacht is voor een duurzamere voedselketen. Eenmaal in gesprek beginnen de ideeën vrijelijk te stromen. Zouden we de afstand tussen platteland en stad bijvoorbeeld niet kunnen verkleinen door stedelingen aandelen te laten kopen in de boerderijen in het ommeland?

Het idee is simpel. Boeren zouden maar wat graag de prijs ontvangen die consumenten in de winkel betalen. Tegelijk willen stedelingen hun lokale boeren graag steunen, zeker wanneer dit niet teveel moeite kost. De tafelgenoten dromen hardop van een online platform waarop je boodschappen kan bestellen en waarmee je de producent van je voedsel weer kent. De boer heeft dankzij de hogere opbrengst meer ruimte om te investeren in een duurzamere productie, terwijl consumenten dankzij hun aandelen een financieel belang hebben om bij hun lokale boeren te kopen.

Een slogan is snel bedacht: Geen geouwehoer, wij eten van onze boer.

Een andere groep lanceert het programma Boer zoekt Chef. In plaats van uit de hele wereld exotisch voedsel te importeren voor de vele restaurants in de stad, zouden chefkoks de samenstelling van hun menu’s veel nadrukkelijker moeten afstemmen op lokale seizoensgroenten in het algemeen. En op de gewassen die de bodem op dat moment nodig heeft in het bijzonder. Op deze wijze eet de Amsterdammer de bodem weer gezond.

Een derde groep stelt voor om van de voedselproductie juist een soort high-tech tetris-spel voor consumenten te maken. Het land wordt in dit voorstel opgedeeld in pixels, die met behulp van machines en drones ieder met een ander gewas kunnen worden beplant. Enerzijds kunnen boeren zo veel preciezer en directer produceren voor de lokale behoeftes van dat moment. Maar het is ook een oplossing voor de dalende biodiversiteit; de pixels voorkomen het ontstaan van mono-culturen en (tijdelijk) ongebruikte pixels kunnen worden ingezaaid met wilde bloemen.

Proeftuin

Het zijn zomaar een paar spontane ideeën die mogelijk een bijdrage kunnen leveren aan de uitdagingen waar de voedselsector nu voor staat. Deze, en andere ideeën, kunnen de komende maanden verder worden uitgewerkt tijdens de Food Forward Track Groot Amsterdam; in de regio Amsterdam zijn alle ingrediënten aanwezig om experimenten tot een succes te maken. Groot Amsterdam is hiermee de ideale proeftuin voor het voedsel van de toekomst. Zou het mogelijk zijn om al ons eten, dat nu vaak al ruim 30.000 kilometer heeft gereisd voordat je er een hap van neemt, uit een gebied van 30 kilometer rond Amsterdam te halen? Deze vraag stelde Barbara Baarsma. Haar antwoord is op basis van de Regioscan ‘nee’.

In een straal van 30 kilometer rond de stad is er simpelweg te weinig landbouwgrond om genoeg te produceren voor alle hongerige monden in dat gebied. Daarvoor zou bijna tien keer zo veel areaal nodig zijn. Het goede nieuws is dat in de rest van ons land van veel agrarische producten wel genoeg beschikbaar. ‘Laten we daarom kijken wat wel kan om ketens te verkorten. De bovengemiddelde aanwezigheid van horeca, de hoge concentratie consumenten en toeristen en de opvallende interesse in nieuwe voedselconcepten bieden een vruchtbare bodem om kortere ketens te bouwen en andere mogelijkheden om de regionale voedselketen te verduurzamen te onderzoeken. Groot Amsterdam is een prachtige proeftuin!’.