In de Tussentijd Arne Hendriks, Week 15

Week 15: De Dichtbijkijker

Het was een piepklein momentje afgelopen week. Onbeduidend. Het bijna niet waard om over te schrijven, alleen al omdat het in het schrijven meer lijkt dan het was, maar ook minder omdat woorden ontoereikend zijn als het erom gaat het onbeduidende te duiden. En ik wil graag dat het gewoon een onbeduidend momentje blijft. Ik wil dat dat genoeg is. Want als heel weinig genoeg is, dan betekent dat veel.

In de Tussentijd: Arne Hendriks - tekening van een fiets

Pretoogjes

Kortom, het was een onbeduidend moment. Ik fietste aan de verkeerde kant van de weg op het fietspad en twee vrouwen, een wat oudere vrouw en waarschijnlijk haar dochter kwamen me tegemoet fietsen. Naast elkaar. Ik ging uiterst rechts fietsen zodat ze er makkelijker langs konden. De wat oudere vrouw hield een beetje in en terwijl ik hen passeerde keek ik haar aan. En zij keek naar mij. We lachten naar elkaar. Meer met onze ogen dan onze mond, en zonder geluid maar onmiskenbaar. Pretoogjes, allebei.

In de Tussentijd: Arne Hendriks - tekening van pretoogjes

Motregen

Ik reed een stukje door. Het motregende maar het was niet koud. Een fijne mist van waterdruppeltjes zette zich af op mijn gezicht. Lekker. Ik sloeg linksaf, het straatje in waar ik woon, maar mijn gevoel en gedachten bewogen zich in omgekeerde richting. Terug naar het korte moment van verstandhouding, van minimale uitwisseling, van erkenning van de ander, en van het plezier dat we op dat moment allebei beleefden. Het raakte me.

In de Tussentijd: Arne Hendriks - tekening van motregen

Weerloos

Het leven nam voor even de vorm aan van twee fietsers die elkaar kruisen. Hoe wonderlijk dat we hier zijn, dat we lachen, dat het gemiezer onze haren nat maakt. Allebei even volkomen weerloos, zonder relativeringsvermogen. Een gevoel van hoogtevrees door de wederkerige blik in de peilloze diepte van het mysterie van het leven, daarbij een beetje geholpen door de ander. Of misschien moet ik zeggen een peilloze oppervlakkigheid. Iets heel gewoons maar wonderlijker dan sterren of regenbogen. En daarin meer dan genoeg.

In de Tussentijd: Arne Hendriks - tekenening van vijf sterren

Meeslepend klein

Misschien zijn het niet de grote en meeslepende verhalen die ons de weg zullen wijzen naar een andere manier van samenleven, met elkaar en met de aarde. Misschien zijn het juist de kleine, op het eerste gezicht bescheiden gebeurtenissen die ons laten zien dat, als we zouden willen, we er misschien al zijn.

In de Tussentijd: Arne Hendriks - tekening van twee bijen

Stuifmeel

Een vriend van me kwam een paar dagen geleden met zijn zoontje langs om zijn dichtbijkijker te laten zien. In tegenstelling tot een verrekijker kun je zo’n kijker richten op iets dat heel dichtbij is en het enorm uitvergroten. Inderdaad een soort vergrootglas maar dan met het gevoel dat je door een filmcamera kijkt. Je krimpt een andere wereld binnen. Zo moet het voor Gulliver hebben gevoeld toen hij in het land Brobdingnag terecht kwam in het prachtige boek Gullivers Travels van Jonathan Swift. Of voor Alice in Alice in Wonderland van Lewis Carrol toen zij na het drinken van een krimpdrankje bijna in haar eigen tranen verdronk. Ik richt de dichtbijkijker op mijn tuin. Rode bessen hangen als kerstballen tussen slingers van spinrag. Een lieveheersbeest zuigt zich laveloos aan een skippybal van plantensap, bijeen gehouden door de bijna tastbare oppervlaktespanning. Op een distelbloem, een soort paars speldenkussen of zo’n bol waar oma vroeger haar breinaalden in stak, passeren twee bijen elkaar. Heel even houden ze in. Aan de sturen van hun fiets hangen boodschappentassen vol stuifmeel.

Meer bijdragen van Arne Hendriks

Contact

Rabo Kunstcollectie

Postadres UC 075
Postbus 17100
3500 HG Utrecht