press releases https://www.rabobank.com/DotCom/Corporate/nl/press/rss.html press releases nl <![CDATA[2016: Jaar van transitie]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2017/press-release-annual-results-2016.html?utm_medium=RSS Rabobank heeft in 2016 haar transitie voortvarend ingezet. De bank richt zich met haar strategie op een excellente klantbediening, een verbetering van de financiële resultaten en een flexibele en sterkere balans. Op al deze punten is progressie geboekt. De klantentevredenheid is in alle segmenten gestegen dankzij investeringen in digitalisering, aanpassing van de organisatie en verbeteringen in dienstverlening. Rabobank heeft in 2016 haar positie als leidende (coöperatieve) bank in Nederland verstevigd en wist internationaal haar rol in Food & Agri te vergroten. De kapitaalpositie is in lijn met de doelstellingen versterkt. De nettowinst kwam dankzij een goed operationeel resultaat uit op 2.024 miljoen euro (-9%). Het resultaat werd sterk neerwaarts beïnvloed door eenmalige posten zoals reorganisatiekosten, een extra voorziening voor de compensatie van zakelijke klanten met een rentederivaat en afboekingen op het belang in Achmea. Onderliggend bedroeg het bedrijfsresultaat voor belastingen 4.090 miljoen euro (+14%). Dit is vooral te danken aan lagere kosten voor kredietverliezen en kostenbesparingen, terwijl de inkomsten op niveau bleven ondanks een lage renteomgeving.

  • De nettowinst bedroeg 2.024 miljoen euro. Onderliggend lieten zowel het Nederlandse als het internationale bedrijf in ieder onderdeel een resultaatsverbetering zien. Het onderliggende bedrijfsresultaat voor belastingen bedroeg 4.090 miljoen euro, 14% meer dan in 2015 (3.592 miljoen euro).
  • De netto rentewinst daalde beperkt ondanks de balanskrimp en de lage rente-omgeving. Mede door het herstel van de Nederlandse economie daalden de kosten kredietverliezen scherp tot 310 miljoen euro of 7 basispunten, duidelijk onder het langjarig gemiddelde.
  • De kredietverlening aan particulieren en zakelijke klanten bedroeg 424 miljard euro (425 miljard euro in 2015). De toevertrouwde middelen namen met 10 miljard euro toe tot 348 miljard euro. De spaargelden van particulieren stegen met 2 miljard euro tot 142 miljard euro ondanks extra aflossingen op hypotheken.
  • De personeelskosten daalden met 6%, met name door een daling van het aantal in- en externe medewerkers met 6.446 fte’s tot 45.567 fte’s. De voorgenomen personeelsreductie verloopt sneller dan gepland. De cost/income ratio exclusief toezichtsheffingen steeg, mede door eenmalige factoren, tot 67,1%.
  • Rabobank streeft in 2020 naar een common equity tier 1 ratio van minimaal 14% en naar een totale kapitaalratio van minimaal 25%. In lijn hiermee heeft Rabobank haar kapitaalspositie in 2016 verder versterkt. De solvabiliteit, gemeten als fully loaded common equity tier 1 ratio, steeg met 1,5 procentpunt tot 13,5%. De huidige (transitionele) common equity tier 1 ratio bedraagt 14,0% (31-12-2015: 13,5%). De verkoop van Athlon had een positief effect van 0,4 procentpunt. De (transitionele) totale kapitaalratio verbeterde van 23,2% tot 25,0%.
  • In januari 2017 heeft Rabobank voor nominaal 1,5 miljard euro aan nieuwe Rabobank Certificaten bij particuliere en institutionele beleggers geplaatst. De pro-forma common equity tier 1 ratio stijgt hiermee aanvullend met 0,8 procentpunt. Rabobank bereikt hiermee sneller haar kapitaaldoelstellingen en anticipeert ook op een verwachte verhoging van de kapitaaleisen.

“2016 was voor Rabobank een jaar van transitie. We hebben goede stappen gezet om onze strategische doelen te realiseren, maar we zijn er nog niet. We streven naar excellente klantbediening, een verbetering van onze financiële resultaten en een flexibele en sterkere balans. Op alle drie de terreinen hebben we in 2016 gedaan wat we van plan waren. Ik ben er trots op dat dankzij de grote inzet van onze medewerkers alle bedrijfsonderdelen, in binnen- en buitenland, betere prestaties hebben laten zien en dat de tevredenheid onder onze 8,7 miljoen klanten gestegen is. Particulieren, Private Banking, Bedrijven en Wholesale klanten tonen in Nederland en in het domein van Food & Agri in de wereld een toenemende waardering voor onze dienstverlening. Door de ontwikkeling die wij in 2016 hebben doorgemaakt kijken wij met vertrouwen vooruit.”

“Op 1 januari 2016 hebben wij onze nieuwe coöperatieve structuur ingevoerd, die ons klantgerichter en doelmatiger maakt. Lokale banken richten zich binnen de nieuwe aansturing optimaal op de bediening van onze Nederlandse klanten. Taken die hieraan ondersteunend zijn voeren we waar mogelijk centraal uit. Deze transitie is in 2016 fors ingezet.”

“De verbeteringen van de bank verlopen in hoog tempo en gaan ook in 2017 door. Dit vraagt veel van onze mensen. Velen zien hun vertrouwde werkplek verdwijnen als gevolg van de digitalisering van onze dienstverlening en het doorvoeren van noodzakelijke verbeteringen in vooral de back-office en ondersteunende diensten. Zeker gezien het zware beroep dat op hen wordt gedaan zijn wij onze medewerkers zeer dankbaar voor hun inzet in het intensieve jaar 2016.”

“We hebben in 2016 vele nieuwe initiatieven genomen om onze klantbediening te verbeteren en te innoveren. Een hypotheekofferte binnen een week is daarvan een goed voorbeeld. Onze klanten met een hypotheek bieden we sinds 1 juli 2016 rentemiddeling aan. Ons marktaandeel in hypotheken steeg van 20% naar 21%. Onze zakelijke klanten met een kredietbehoefte kleiner dan 1 miljoen euro profiteren ervan dat wij ze binnen een dag duidelijkheid bieden over hun financieringsaanvraag. Met Rabo&Co ontwikkelen wij een model voor peer-to-peer lending, waarbij we onze private banking klanten koppelen aan MKB-klanten.”

“Voor onze Wholesale klanten hebben we een leidende rol in vele belangrijke (Food & Agri) transacties kunnen vervullen in Nederland en Internationaal. We zijn recent uitgeroepen tot Best Commodity Finance Bank door Global Finance Magazine. Voor het internationale rurale bedrijf was 2016 ook een zeer succesvol jaar, met zeer hoge klanttevredenheidsscores en groei van de kredietportefeuille. Een van de hoogtepunten was het Farm to Fork event in Australië over innovatie in het Food & Agri domein, illustratief voor onze inzet om klanten te verbinden en kennis te delen.”

“In sectoren als de glastuinbouw, de varkenshouderij en de melkveehouderij vervult Rabobank een regierol bij het vinden van oplossingen voor structurele problemen. We nemen hierin samen met de sector onze verantwoordelijkheid.”

“Rabobank spiegelt zich bij haar activiteiten aan de 17 Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties. Deze SDGs geven vanuit een breed duurzaamheidsperspectief richting aan de prioriteiten voor een duurzame maatschappij. Onze Banking for Food activiteiten zijn op dit gebied toonaangevend in de wereld, maar ook onze inzet in Nederland via lokale banken en via Rabobank Foundation dragen hieraan bij. We zetten mensen en middelen in om hieraan invulling te geven. Ons coöperatief dividend, waarvan de bestemming wordt bepaald door ledenraden van lokale banken, bedroeg 49 miljoen euro.”

“We hebben veel erkenning gekregen voor onze inspanningen op het gebied van duurzaamheid. Rabobank bezet gedeeld de eerste plaats onder financiële instellingen in de Nederlandse Transparantie Benchmark. RobecoSAM plaatst Rabobank op de 7e positie van haar wereldwijde ranglijst met meer dan 100 internationale banken en geeft haar een maximale score op haar bijdrage aan klimaat. Sustainalytics beoordeelt Rabobank in 2016 als de nummer 1 voor haar positieve impact op het milieu, op basis van een analyse van 396 banken wereldwijd. Onze samenwerking met FMO en Norfund onderstreept onze sterke betrokkenheid bij de duurzame groei en ontwikkeling van Afrika en de Afrikaanse financiële sector. Gezamenlijk investeren wij in Afrikaanse banken om groei te stimuleren. Noemenswaardig is ook dat we in 2016 onze eerste Green Bond uitgaven, ter waarde van EUR 500 miljoen. De opbrengst investeren we in duurzame energieprojecten, zoals windparken en zonnepanelen. Via Bankieren voor Nederland en Banking for Food hebben we een sturende agenda voor onze bijdrage aan de SDGs.”

“Rabobank kende in financieel opzicht twee gezichten. We boekten goede operationele resultaten, zagen door de aantrekkende economie de kosten kredietverliezen sterk dalen en wisten kostenbesparingen te realiseren. Het resultaat werd onder andere gedrukt door eenmalige posten zoals reorganisatiekosten, een extra voorziening voor de compensatie van zakelijke klanten met een rentederivaat en afboekingen op het belang in Achmea. Onderliggend hebben we een goed resultaat bereikt met een bedrijfsresultaat voor belastingen van 4.090 miljoen euro, 14% meer dan in 2015.”

“Een sterke kapitaalpositie is een van de voornaamste pijlers onder de strategie van Rabobank. We streven in 2020 naar een common equity tier 1 ratio van minimaal 14% en naar een totale kapitaalratio van minimaal 25%. Ook in 2016 hebben we onze kapitaalbuffers verder versterkt. Dit is mede te danken aan de verkoop van Athlon. Door de recente uitgifte van nominaal 1,5 miljard euro nieuwe Rabobank Certificaten voldoet Rabobank ook met haar fully loaded common equity tier 1 ratio versneld aan haar doelstelling van minimaal 14% en anticipeert ze op een mogelijke verhoging van de kapitaaleisen.”

“De balans is in 2016 verlicht, onder andere door de verkoop van hypothecaire leningen aan beleggers en de verdere focus op kernactiviteiten. Daarnaast beogen we minder kredieten op onze eigen balans te houden. Ook in 2017 gaan we door met het verlichten van onze balans.”

In 2017 trekt de economische groei aan, maar is er tegelijkertijd mondiaal sprake van economische en politieke onzekerheid. In Europa zullen de gevolgen van de Brexit en de uitslagen van verkiezingen in Nederland, Duitsland en Frankrijk een rol spelen.

De Rabobank zal in 2017 verder investeren in haar dienstverlening. Onze digitale activiteiten en innovatie krijgen prioriteit. We combineren dit met ons karakter van lokaal verankerde bank die dichtbij haar klanten en de gemeenschap waarin zij werkt staat. In het buitenland benutten we het groeipotentieel in Rural Banking en door onze focus op Food & Agri versterken we in Wholesale onze leidende positie in de Food & Agriketen. Al met al geeft de positieve ontwikkeling die de Rabobank in 2016 heeft doorgemaakt vertrouwen voor 2017 en de daaropvolgende jaren.

Rabobank Persvoorlichting
030-2162758 of pressoffice@rabobank.nl

Onderdelen van dit persbericht worden door Rabobank aangemerkt als voorwetenschap die direct of indirect op Rabobank betrekking heeft zoals bedoeld in artikel 7 van de Verordening marktmisbruik (EU 596/2014) die openbaar wordt gemaakt in overeenstemming met artikel 17 van de Verordening marktmisbruik.

Bijlagen:]]>
Persbericht Thu, 16 Feb 2017 07:30:00 GMT 243462
<![CDATA[Na verrassend goed 2016 zet marktherstel varkenshouderij door]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2017/20170203-pork-quarterly.html?utm_medium=RSS De verwachtingen voor de Nederlandse varkenssector voor het eerste deel van 2017 zijn positief. Het kleinere aanbod van biggen en vleesvarkens in de EU zal de prijzen positief ondersteunen, stellen sectorspeciailisten van de Rabobank in het kwartaalbericht Varkenshouderij.

De impact van de verwachte lichte afname van de Europese export en de verdere daling van het Britse pond wordt door de prijsstijging teniet gedaan. De druk op het aanbod zal tot zeker de zomer aanhouden, wat goede vooruitzichten biedt voor de biggen- en vleesvarkensprijzen.
Export
De import van China ligt dit jaar naar verwachting op hetzelfde niveau als in 2016. De concurrentie op deze belangrijke markt neemt echter toe, met name uit de Verenigde Staten. Hier is de productie in 2016 fors gestegen en bovendien krijgen steeds meer Amerikaanse bedrijven toegang tot de Chinese markt. Dit zorgt voor lichte druk op de Europese exportpositie. Voor het uiteindelijke exportvolume is de wisselkoers bepalend. Vooruitkijkend naar de tweede helft van 2017 lijken de productiestijging en de groei van de Europese zeugenstapel van belang.
Herstel Nederlandse varkenshouderij in 2016
De positieve Europese positie zorgde in 2016 voor een duidelijk herstel voor de Nederlandse varkenshouderij. De voorlopige voerwinstverwachting voor 2016 ligt op circa € 720 per gemiddeld aanwezige zeug en € 77 (beiden excl. btw) per gemiddeld aanwezig vleesvarken. De zeugenhouderij ligt daarmee 40% boven het langjarig gemiddelde. In de vleesvarkenshouderij ligt de voerwinst op het langjarig niveau. De marge is echter voor de meeste bedrijven gemiddeld genomen nihil als gevolg van de hoge mestafzetkosten.
Welvaart en slechte publiciteit drukt consumptie
Een punt van zorg blijft de consumptie van varkensvlees in de EU, die met name in Noordwest-Europa onder druk staat. Zo is de Duitse consumptie van varkensvlees in de periode van 2011 tot 2016 met 11% afgenomen tot 35,8 kilogram. Deze daling is een gevolg van de toenemende welvaart in deze regio. Consumenten eten minder vlees, maar wel luxer vlees. De varkensvleesketen heeft nog geen duidelijke, gerichte marketingstrategie om varkensvlees positief onder de aandacht te brengen.
Goede prijzen als lening van de markt
Ondernemers moeten de hogere prijzen beschouwen als een lening van de markt. Dit stelt varkenshouders in staat buffers aan te leggen om toekomstige periodes met lagere varkensprijzen het hoofd te bieden. Ook bij bovengemiddelde prijsniveaus is het advies om via een liquiditeitsprognose de toekomstige geldstromen in beeld te brengen. Beter zicht op de geldstormen maakt het mogelijk om gericht bij te sturen.
Vitale Varkenshouderij
Het marktherstel lost de structurele problemen van de sector niet op. Het plan ‘Vitale Varkenshouderij’ van de sector blijft erg belangrijk. Voor perspectief zal het mestprobleem opgelost moeten worden. Varkenshouders zullen meer en actiever de samenwerking met andere ketenpartijen moeten opzoeken. Gezamenlijk kunnen zij huidige businessmodellen optimaliseren.
Lees hier het volledige kwartaalbericht:
https://www.rabobank.nl/bedrijven/cijfers-en-trends/veehouderij/kwartaalbericht-varkens-jan-2017

]]>
Persbericht Fri, 03 Feb 2017 10:03:29 GMT 243307
<![CDATA[Rabobank sluit directe financiering van gaswinning onder de Waddenzee uit]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2017/rabobank-excludes-funding-of-natural-gas-exploitation-beneath-wadden-sea.html?utm_medium=RSS Sinds 2009 staat de Waddenzee op de UNESCO Werelderfgoedlijst. Toch hebben diverse mijnbouwbedrijven een vergunning aangevraagd om gas te gaan winnen onder de Waddenzee vanaf de wal en de Noordzee. De Waddenvereniging heeft investeerders gevraagd om hieraan niet mee te werken. In antwoord op dit verzoek heeft de Rabobank besloten dat zij de winning van aardgas onder de Waddenzee niet direct zal financieren.

Op de Waddeneilanden is maatschappelijke onrust ontstaan omdat in 2016 vier bedrijven vergunningen hebben aangevraagd bij het Ministerie van Economische Zaken voor gasboringen onder de Waddenzee. Deze boringen kunnen bodemdaling veroorzaken, waar ook al sprake is van zeespiegelstijging als gevolg van klimaatverandering. De Waddenvereniging en bewoners zijn bezorgd over de mogelijke consequenties hiervan voor het natuurgebied, zoals de afname van de natuurwaarde door het dieper worden van de Waddenzee. Rabobank hanteert het voorzorgsprincipe bij activiteiten in kwetsbare natuurgebieden en heeft daarom besloten om gaswinning onder de Waddenzee uit te sluiten van financiering. Het voorzorgsprincipe betekent dat de bank alleen financiering beschikbaar stelt aan initiatieven in kwetsbare gebieden als bewezen is dat deze geen gevaar met zich meebrengen voor hun functioneren.

Arjan Berkhuysen, directeur Waddenvereniging: ‘Wij zijn blij met dit duidelijke besluit van de Rabobank. Hiermee wordt gehoor gegeven aan ons verzoek om niet meer te investeren in bedrijven die naar gas boren in het Waddengebied. De Rabobank laat zo ook zien dat ze duurzaamheid en hun aanwezigheid in de waddenregio serieus nemen. We hopen dat andere banken en pensioenfondsen dit goede voorbeeld durven te volgen. Dit besluit inspireert ons in ieder geval om samen met mensen uit het waddengebied aan zowel politici als investeerders te laten zien dat óók zij een unieke kans hebben dit unieke natuurgebied te behouden.’

Rabobank Directeur Duurzaamheid Bas Rüter: ‘Dit besluit is onderdeel van een tussentijdse aanscherping van ons klimaatbeleid. Vanaf vandaag sluit ons aangescherpte beleid ook de directe financiering van kolenwinning en - transport en van kolencentrales expliciet uit. Bovendien krijgt de financiering van de handel in CO2 efficiënte brandstoffen voorrang boven de handel in fossiele brandstoffen met een hogere CO2 uitstoot. De handel in deze fossiele brandstoffen wordt stapsgewijs verlaagd. Rabobank is actief op zoek naar klanten om de transitie naar een duurzame energievoorziening te versnellen.’

De Rabobank investeert wereldwijd met haar klanten in klimaatslimme landbouw en in grootschalige energieopwekking via wind en zon. In Nederland wordt geinvesteerd in energiebesparing van woningen en kantoren. Rüter vervolgt: ‘Deze initiatieven zijn voorbeelden waarmee de Rabobank verder bijdraagt aan het realiseren van de klimaatdoelen in het Akkoord van Parijs. En dit wordt gewaardeerd: in de ranking die gebruikt wordt voor de Dow Jones Sustainability Index 2017 scoort Rabobank het hoogste op klimaatbeleid van ruim 100 onderzochte banken. Dit moedigt ons aan in onze klimaat- en duurzaamheidsambities.’

Overige recente initiatieven van de Rabobank:

  • Deelnemer in de Transitiecoalitie die op de Nederlandse Klimaattop de regering onder meer opriep om:
    - een klimaatwet te maken om de doelen van het Klimaatakkoord van Parijs in 2050 te realiseren, met concrete tussendoelen in 2030 en 2040
    - een minister voor economie, klimaat en energie aan te stellen, die zorgt voor samenhang in het beleid
    - een onafhankelijke klimaatautoriteit aan te wijzen die de partijen verbindt en aanspreekt op een voortvarende en consistente uitvoering en de gemaakte afspraken borgt over kabinetten heen
  • Rabobank is per 1 januari 2017 lid geworden van de World Business Council for Sustainable Development en werkt daar actief mee om de financiering van klimaatslimme landbouw te versnellen.
  • Actieve bijdrage aan de publiekscampagne “Kies voor Klimaat”, die dinsdag 24 januari jl. is gestart.
Meer informatie]]>
Persbericht Fri, 03 Feb 2017 09:00:00 GMT 243283
<![CDATA[Rabobank versterkt kapitaalbuffers met uitgifte van EUR 1.5 miljard nieuwe Rabobank Certificaten]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2017/20170117-rabobank-certificates-result.html?utm_medium=RSS In verband met de op 11 januari 2017 aangekondigde uitgifte van nieuwe Rabobank Certificaten, maakt Rabobank bekend dat de uitgifte nominaal EUR 1,5 miljard zal bedragen. Met deze uitgifte voldoet Rabobank versneld aan haar doelstelling van een Common Equity Tier 1 (“CET1”) van minimaal 14% en anticipeert op een verwachte verhoging van de kapitaaleisen.

Rabobank zal 60 miljoen nieuwe Rabobank Certificaten uitgeven. De prijs per aangeboden Rabobank Certificaat bij uitgifte is vastgesteld op 108% van de nominale waarde van EUR 25. Het boek was 2.4 keer overtekend gedreven door vraag vanuit institutionele en particuliere beleggers.
 
Levering en betaling van de nieuwe Rabobank Certificaten en de start van de handel in de nieuwe Rabobank Certificaten zullen plaatsvinden op dinsdag 24 januari 2017, om 09.00 uur Nederlandse tijd. Na de uitgifte staat er voor een nominaal bedrag van ongeveer EUR 7,4 miljard aan Rabobank Certificaten uit bij beleggers. Na de uitgifte zullen in totaal ongeveer 297.961.365 Rabobank Certificaten uitstaan.
 
Rabobank Certificaten zijn certificaten van Participaties zonder einddatum die zijn uitgegeven door Rabobank (via de Stichting AK Rabobank Certificaten). Rabobank Certificaten zijn genoteerd aan Euronext Amsterdam.  
  
Rabobank Certificaten vormen het meest achtergestelde kapitaal van Rabobank en tellen mee als eigen vermogen (CET1). Ze kennen een discretionaire vergoeding op de nominale waarde, die momenteel gelijk is aan het rendement op de meest recente 10-jaars Nederlandse staatslening + 1,5%-punt op jaarbasis met een minimum van 6,5% op jaarbasis. De beoogde vergoeding wordt per kwartaal uitgekeerd. 
 
Informatie over de uitgifte van de Rabobank Certificaten is terug te vinden op www.rabobank.nl/certificaten
 
Voor meer informatie:
Hendrik Jan Eijpe, Rabobank Press Office
030-2130869 of hendrik-jan.eijpe@rabobank.nl
 
Onderdelen van dit persbericht worden door Rabobank aangemerkt als voorwetenschap die direct of indirect op Rabobank betrekking heeft zoals bedoeld in artikel 7 van de Verordening marktmisbruik (EU 596/2014) die openbaar wordt gemaakt in overeenstemming met artikel 17 van de Verordening marktmisbruik.

Dit persbericht is niet bestemd voor verspreiding, rechtstreeks of niet rechtstreeks, in of naar de Verenigde Staten. Dit persbericht houdt geen aanbod tot verkoop, noch een uitnodiging tot het indienen van een aanbod tot aankoop van Rabobank Certificaten in, noch worden er Rabobank Certificaten aangeboden in rechtsgebieden waar een dergelijk aanbod of verkoop verboden zou zijn.

Dit persbericht en de aanbieding zijn uitsluitend bestemd voor en gericht aan personen in lidstaten (niet zijnde Nederland) van de Europese Economische Ruimte (de "EER") die "Gekwalificeerde Beleggers" zijn in de zin van artikel 2, lid 1, onder (e) van de Prospectusrichtlijn (‘Gekwalificeerde Beleggers’). De ‘Prospectusrichtlijn’ verwijst naar Richtlijn 2003/71/EG, zoals gewijzigd.

Verder wordt dit persbericht in het Verenigd Koninkrijk enkel verspreid aan, en is het enkel gericht aan, Gekwalificeerde Beleggers (i) die professionele ervaring hebben in zaken gerelateerd aan beleggingen die vallen onder artikel 19, lid 5, van de 'Financial Services and Markets Act 2000 (Financial Promotion) Order 2005', zoals gewijzigd (de 'Order') en gekwalificeerde beleggers die vallen onder artikel 49, lid 2, (a) tot (d) van de Order, en (ii) aan wie het op andere wijze mag worden gecommuniceerd (waarbij al deze personen tezamen ‘Relevante Personen’ worden genoemd).

Er mag niet worden gehandeld op basis van of vertrouwen op dit persbericht (i) door personen die geen Relevante Personen zijn in het Verenigd Koninkrijk, en (ii) door personen die geen Gekwalificeerde Beleggers zijn in een lidstaat van de EER niet zijnde Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Beleggingen of beleggingsactiviteiten waarop dit persbericht betrekking heeft zijn uitsluitend beschikbaar voor (a) Relevante Personen in het Verenigd Koninkrijk en zullen uitsluitend worden aangegaan met Relevante Personen in het Verenigd Koninkrijk en (b) Gekwalificeerde Beleggers in lidstaten van de EER (niet zijnde Nederland en het Verenigd Koninkrijk).

Iedere potentiële belegger dient ervan uit te gaan dat hij of zij het economisch risico van een belegging in Rabobank Certificaten draagt. Noch Rabobank noch de banken die betrokken zijn bij de aanbieding doen uitspraken over (i) de geschiktheid van de Rabobank Participaties voor een bepaalde belegger, (ii) de juiste boekhoudkundige behandeling en mogelijke fiscale gevolgen van het beleggen in de Rabobank Participaties, of (iii) de toekomstige prestaties van de Rabobank Participaties, hetzij in absolute zin of ten opzichte van concurrerende beleggingen.

]]>
Persbericht Tue, 17 Jan 2017 14:52:43 GMT 243078
<![CDATA[Europese banken initiëren Blockchain Platform voor MKB]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2017/20170116-banks-platform-dtc-blockchain.html?utm_medium=RSS Een groep van zeven banken, waaronder Rabobank, heeft overeenstemming bereikt om met innovatieve blockchain technologie een internationaal handelsplatform te bouwen. Doel is om nationale en internationale handel voor het Europese Midden- en Klein bedrijf eenvoudiger te maken.

Rabobank, Deutsche Bank, HSBC, KBC, Natixis, Société Générale en UniCredit hebben een Memorandum of Understanding in Brussel getekend met de intentie om samen te werken in de ontwikkeling en marketing van het nieuwe product “Digital Trade Chain” (DTC).
 
Het platform is gebaseerd op een prototype Trade en Supply Chain Finance oplossing  van KBC en is al in de  Proof of Concept fase via testen. DTC heeft in oktober 2016 de “Efma Accenture Innovatie Award” voor “beste nieuwe product of service van 2016” gewonnen. DTC kan alle partijen in de keten die betrokken zijn bij de handelstransactie (zoals koper en verkoper en hun beide banken en transporteur) online en via mobiele apparaten met elkaar verbinden.
 
Het nieuwe platform maakt het handelsproces voor het MKB gemakkelijk, veilig en inzichtelijk, geeft inzicht in de klant te geven en biedt garanties aan de afnemer en de leverancier. Grote bedrijven gebruiken documentair betalingsverkeer om hun risico’s bij internationaal ondernemen te beperken, maar deze documentaire producten zoals een “Letter of Credit” zijn niet altijd geschikt voor het MKB of voor bedrijven die een voorkeur hebben voor internationale betalingen op voor- of achterafbasis (ook wel “open account” genoemd).
DTC versnelt het proces van koop- tot afwikkeling en vermindert het papierwerk significant door gebruik te maken van de beveiligde data op de gedeelde boekhouding van de “blockchain”. De transparantie in de keten geeft het MKB vertrouwen in handelstransacties op de thuismarkt of de Europese markt.
 
Door bundeling van expertise en resources van de 7 banken van het consortium, worden gezamenlijk verdere ontwikkelingen gedaan om de marktintroductie van DTC voor te bereiden. In eerste instantie richt DTC zich op 7 Europese landen op de Europese markt: België en Luxembourg (KBC), Frankrijk (Natixis, Société Générale), Duitsland (Deutsche Bank, UniCredit), Italië (UniCredit), Nederland (Rabobank) en het Verenigd Koninkrijk (HSBC).

 

Bekijk een demo van DTC

 

(Dit is een gezamenlijk persbericht van Rabobank, Deutsche Bank, HSBC, KBC, Natixis, Société Générale en UniCredit.)

]]>
Persbericht Mon, 16 Jan 2017 15:10:17 GMT 243069
<![CDATA[Rabobank wil kapitaalbuffers verder versterken met uitgifte nieuwe Rabobank Certificaten]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2017/20170111-rc.html?utm_medium=RSS Rabobank wil haar kapitaalbuffers verhogen. Om de kapitaalpositie te verbeteren en te optimaliseren zal de bank nieuwe Rabobank Certificaten plaatsen bij particuliere en institutionele beleggers. Rabobank zal hiermee versneld aan haar kapitaaldoelstelling voldoen en anticipeert op de verwachte verhoging van de kapitaaleisen. Particuliere beleggers kunnen tot 16 januari 2017 17:30u inschrijven op de uitgifte. Rabobank start deze week met een roadshow onder institutionele beleggers. De nieuwe Rabobank Certificaten kunnen met een korting op de huidige handelsprijs worden aangeboden. De verwachte opbrengst van de uitgifte is minimaal EUR 1 miljard.

Een sterke kapitaalpositie is een van de voornaamste pijlers onder de strategie van Rabobank. Rabobank streeft in 2020 naar een Common Equity Tier 1-ratio (“CET1”) van minimaal 14% en naar een totale kapitaalratio van minimaal 25%. Door de uitgifte van nieuwe Rabobank Certificaten en de aanhoudend sterke focus op CET1, totaal kapitaal en verliesabsorberend kapitaal heeft Rabobank haar doelstelling van 3,5% Aanvullend Tier 1 kapitaal verlaagd tot een aandeel van ongeveer 2% van haar risicogewogen activa. Hiermee optimaliseert Rabobank de samenstelling van haar kapitaal.
 
Omdat de uitgifte van de nieuwe Rabobank Certificaten dicht op de publicatie van de jaarcijfers 2016 plaatsvindt, maakt Rabobank vandaag bekend dat de kapitaalratio’s van de Groep op 31 december 2016 naar verwachting hoger zijn dan aan het einde van het eerste halfjaar van 2016. Op 30 juni 2016 was de (transitional) CET1 ratio 13,4% en de totale kapitaalratio 23,5%. Rabobanks sterke kapitaalratio’s voldoen ruim aan de kapitaaleisen die op dit moment gelden en de uitgifte van nieuwe Rabobank Certificaten zal tot een nog verdere verhoging van de kapitaalratio’s leiden.
 
Rabobank wil beleggers ook informeren dat het resultaat in de tweede helft van 2016 negatief wordt beïnvloed doordat Rabobank circa EUR 700 miljoen zal afboeken op haar belang in Achmea vanwege ontwikkelingen in de verzekeringssector. Deze afboeking wordt meer dan gecompenseerd door sterke operationele prestaties, lagere kosten voor kredietverliezen en positieve effecten van kostenbesparingsprogramma’s. Deze afboeking heeft een beperkte impact op de kapitaalratio’s.
 
Bas Brouwers, Chief Financial Officer: “Rabobank is van oudsher een van de meest solide banken ter wereld. De voorgenomen uitgifte van nieuwe Rabobank Certificaten past in een prudent beheer van onze CET1 kapitaalpositie en speelt in op de verwachte verzwaring van toezichtseisen. Naast de uitgifte van Rabobank Certificaten zullen we ook doorgaan met het verlichten van onze balans door het verkopen van leningen aan investeerders, het ontwikkelen van mogelijkheden om minder leningen via de eigen balans te laten lopen en de concentratie op kernactiviteiten. Hierdoor kunnen we onze klanten optimaal blijven bedienen en voorzien van hypothecaire en zakelijke kredieten en onze prestaties blijven verbeteren. Dit past in onze ambitie om een leidende klantgeoriënteerde coöperatieve bank in Nederland te zijn en in Food & Agri in de wereld.”
 
Rabobank Certificaten zijn certificaten van Participaties zonder einddatum die zijn uitgegeven door Rabobank (via de Stichting AK Rabobank Certificaten). Rabobank Certificaten zijn genoteerd aan Euronext Amsterdam en hebben een nominale waarde van EUR 25. Er staat momenteel voor een nominaal bedrag van EUR 5,9 miljard aan Rabobank Certificaten uit bij beleggers.
 
Rabobank Certificaten vormen het meest achtergestelde kapitaal van Rabobank en tellen mee als eigen vermogen (CET1). Ze kennen een discretionaire vergoeding op de nominale waarde, die momenteel gelijk is aan het rendement op de meest recente 10-jaars staatslening + 1,5% op jaarbasis met een minimum van 6,5% op jaarbasis. De beoogde vergoeding wordt per kwartaal uitgekeerd.
Voor deze uitgifte werkt Rabobank samen met een internationaal bankensyndicaat. In Nederland heeft Rabobank de rol van Retail Coordinator. ABN Amro en ING zijn ook bij de retail aanbieding betrokken.
 
Informatie over de uitgifte van de Rabobank Certificaten is terug te vinden op www.rabobank.nl/certificaten
 
 
Onderdelen van dit persbericht worden door Rabobank aangemerkt als voorwetenschap die direct of indirect op Rabobank betrekking heeft zoals bedoeld in artikel 7 van de Verordening marktmisbruik (EU 596/2014) die openbaar wordt gemaakt in overeenstemming met artikel 17 van de Verordening marktmisbruik.
 
Dit persbericht is niet bestemd voor verspreiding, rechtstreeks of niet rechtstreeks, in of naar de Verenigde Staten. Dit persbericht houdt geen aanbod tot verkoop, noch een uitnodiging tot het indienen van een aanbod tot aankoop van Rabobank Certificaten in, noch worden er Rabobank Certificaten aangeboden in rechtsgebieden waar een dergelijk aanbod of verkoop verboden zou zijn.
 
Dit persbericht en de aanbieding zijn uitsluitend bestemd voor en gericht aan personen in lidstaten (niet zijnde Nederland) van de Europese Economische Ruimte (de "EER") die "Gekwalificeerde Beleggers" zijn in de zin van artikel 2, lid 1, onder (e) van de Prospectusrichtlijn (‘Gekwalificeerde Beleggers’). De ‘Prospectusrichtlijn’ verwijst naar Richtlijn 2003/71/EG, zoals gewijzigd.
 
Verder wordt dit persbericht in het Verenigd Koninkrijk enkel verspreid aan, en is het enkel gericht aan, Gekwalificeerde Beleggers (i) die professionele ervaring hebben in zaken gerelateerd aan beleggingen die vallen onder artikel 19, lid 5, van de 'Financial Services and Markets Act 2000 (Financial Promotion) Order 2005', zoals gewijzigd (de 'Order') en gekwalificeerde beleggers die vallen onder artikel 49, lid 2, (a) tot (d) van de Order, en (ii) aan wie het op andere wijze mag worden gecommuniceerd (waarbij al deze personen tezamen ‘Relevante Personen’ worden genoemd).
 
Er mag niet worden gehandeld op basis van of vertrouwen op dit persbericht (i) door personen die geen Relevante Personen zijn in het Verenigd Koninkrijk, en (ii) door personen die geen Gekwalificeerde Beleggers zijn in een lidstaat van de EER niet zijnde Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Beleggingen of beleggingsactiviteiten waarop dit persbericht betrekking heeft zijn uitsluitend beschikbaar voor (a) Relevante Personen in het Verenigd Koninkrijk en zullen uitsluitend worden aangegaan met Relevante Personen in het Verenigd Koninkrijk en (b) Gekwalificeerde Beleggers in lidstaten van de EER (niet zijnde Nederland en het Verenigd Koninkrijk).
 
Iedere potentiële belegger dient ervan uit te gaan dat hij of zij het economisch risico van een belegging in Rabobank Certificaten draagt. Noch Rabobank noch de banken die betrokken zijn bij de aanbieding doen uitspraken over (i) de geschiktheid van de Rabobank Participaties voor een bepaalde belegger, (ii) de juiste boekhoudkundige behandeling en mogelijke fiscale gevolgen van het beleggen in de Rabobank Participaties, of (iii) de toekomstige prestaties van de Rabobank Participaties, hetzij in absolute zin of ten opzichte van concurrerende beleggingen.

]]>
Persbericht Wed, 11 Jan 2017 08:45:00 GMT 242637
<![CDATA[FGH Bank rondt verkoop RNHB af]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/20161229-FGH-RNHB-sale.html?utm_medium=RSS FGH Bank heeft de verkoop afgerond van de vastgoedfinancieringsactiviteiten van RNHB Hypotheekbank. RNHB Hypotheekbank is een label van FGH Bank N.V., een volledige dochter van Rabobank. RNHB Hypotheekbank is verkocht aan een consortium van investeerders waaronder Vesting Finance.

RNHB Hypotheekbank heeft  60 medewerkers, een kredietportefeuille van € 1,7 miljard en een klantenportefeuille van ruim 9000 leningen.  

]]>
Persbericht Thu, 29 Dec 2016 11:30:00 GMT 241909
<![CDATA[Prijsherstel melk houdt aan in eerste kwartaal 2017]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/20161222-rabobank-global-dairy-quarterly-q4-2016-supply-crunch-bites.html?utm_medium=RSS De wereldwijde melkproductie van de belangrijkste exportregio’s is in de tweede helft van 2016 stevig gedaald ten opzichte van dezelfde periode in 2015. Dit kwam vooral voor de rekening van de EU en Nieuw-Zeeland. Voorraadvorming is hierdoor nagenoeg stil komen te liggen. Door de aantrekkende vraag is het wereldwijde handelsoverschot zelfs met 4,5 miljoen ton teruggelopen, blijkt uit het vandaag verschenen Kwartaalbericht Melkvee 2016 van de Rabobank. De Nederlandse melkproductie zal in 2017 dalen vanwege het fosfaatreductieplan.

De prijzen van zuivelgrondstoffen zijn in de tweede helft van 2016 omhoog geschoten. Vooral de vraag naar botervet drijft de prijzen op, terwijl de markt juist weer tegengewerkt wordt door de beperkte vraag naar mager melkpoeder en de hoge interventievoorraden, blijkt uit de rapportage. In het eerste kwartaal van 2017 zal het prijsherstel aanhouden, verwachten analisten van de Rabobank, doordat de melkproductie in de exportregio’s niet op korte termijn zal groeien.
 
Situatie in Nederland
Sectormanager Marijn Dekkers van de Rabobank: “De ruwvoerpositie was in 2016 redelijk goed, al waren ondernemers niet altijd in staat om hier gebruik van te maken vanwege de lage melkprijzen halverwege de zomer. Door deze lage melkprijzen heeft de liquiditeit van bijna alle melkveebedrijven een forse aanslag ondergaan. De prijzen zitten wel in de lift, wat ondernemers in staat stelt te herstellen van afgelopen jaar.” De Nederlandse melkproductie zal in 2017 dalen vanwege het fosfaatreductieplan. Hiervoor is een vermindering van de veestapel met 10% nodig.
 
Vooruitzichten: groeiende vraag in EU, VS en China
De Rabobank verwacht komend kwartaal een verder prijsherstel van basiszuivelproducten. Het komend kwartaal is de vraag positief. Zo groeit de vraag in Europa en de VS, en ook de vraag uit China blijft net als in 2016 groeien. De vraag naar botervet is groter dan die naar mager melkpoeder.
 
Productie in de EU
Ondanks de hogere melkprijzen zal de melkproductie niet meteen aantrekken. De Rabobank schat dat de Europese melkproductie voor de tweede helft van 2016 2,3% lager zal zijn op jaarbasis. “Voor de eerste helft van 2017 verwachten we ook nog een daling van de Europese melkproductie. Dit komt vooral door de melkreductieregeling van de Europese Commissie, waardoor 1 miljoen ton minder melk geproduceerd moet worden in Europa. In de tweede helft van 2017 verwachten wij echter een productiegroei van 1,2% als gevolg van hogere melkprijzen”, aldus Dekkers. In Nederland verplicht het fosfaatreductieplan melkveehouders tot een vermindering van de veestapel met 10%, oftewel 170.000 koeien. Melkveehouders kunnen deze productiedaling enigszins beperken door efficiëntieverbeteringen en een hogere productie per koe.

]]>
Persbericht Thu, 22 Dec 2016 09:00:00 GMT 241873
<![CDATA[Petri Hofsté en Pascal Visée benoemd tot lid raad van commissarissen]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/2016-appointments-rvc.html?utm_medium=RSS De Algemene Ledenraad van Rabobank heeft Petri Hofsté (onder voorbehoud van afronding van de toetsing door de ECB, DNB en AFM) en Pascal Visée benoemd tot lid van de raad van commissarissen. Petri Hofsté wordt lid van het audit committee en de commissie voor coöperatieve aangelegenheden. Pascal Visée wordt lid van het risk committee, de HR-commissie en de benoemingscommissie.

Petri Hofsté (1961) studeerde financiering & accounting en bekleedt als commissaris sinds 2013 die rol bij verschillende ondernemingen. Petri Hofsté is lid van de raad van commissarissen van Achmea B.V., Ze is tevens lid van de raad van commissarissen van Kasbank N.V., Fugro B.V. en BNG Bank. Ze heeft daarnaast enkele nevenfuncties. Ze is onder andere lid van de adviesraad van het Amsterdam Institute of Finance en lid van het bestuur van Nyenrode Foundation en van Vereniging Hendrick de Keyser. Voordat Petri Hofsté als commissaris werkzaam werd werkte ze in verschillende functies bij APG, De Nederlandsche Bank, Royal Bank of Scotland, ABN AMRO en KPMG. 
 
Pascal Visée (1961) studeerde bedrijfseconomie en nederlands recht en is registeraccountant. In 1987 trad hij in dienst van Unilever, waar hij 26 jaar werkte op verschillende internationale posities. Sinds 2013 werkt Pascal Visée als onafhankelijk adviseur op het gebied van business operations en technology; in die hoedanigheid werkt hij onder meer samen met Genpact Inc. en McKinsey & Company Inc.  Pascal Visée is lid van de raad van commissarissen van Mediq BV en PLUS Retail BV. Daarnaast is hij lid van de raad van toezicht van de Erasmus Universiteit, bestuurslid Stichting Albron, voorzitter van de raad van toezicht van het Stedelijk Museum van Schiedam en bestuurslid van het Prins Claus fonds. 
 
President-commissaris Ron Teerlink is blij met de benoemingen: “De raad van commissarissen is met de komst van Petri Hofsté en Pascal Visée op volle sterkte en kent een gebalanceerde samenstelling. De achtergrond van zowel Petri Hofsté als Pascal Visée is zeer waardevol voor Rabobank. Ik zie erg uit naar de samenwerking.”
 
De raad van commissarissen van Rabobank bestaat uit Ron Teerlink (voorzitter), Marjan Trompetter (vice-voorzitter), Irene Asscher-Vonk, Leo Degle, Leo Graafsma, Petri Hofsté, Arian Kamp, Jan Nooitgedagt en Pascal Visée.

]]>
Persbericht Wed, 14 Dec 2016 18:10:13 GMT 241756
<![CDATA[Financiële instellingen in Nederland omarmen de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties ]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/leading-dutch-financial-institutions-embrace-united-nations-sustainable-development-goals.html?utm_medium=RSS Vorig jaar heeft de Verenigde Naties de Sustainable Development Goals (SDG’s) voor 2030 vastgesteld. Het gaat om 17 zeer ambitieuze doelstellingen op het gebied van o.a. klimaat, armoede, gezondheidszorg, onderwijs. Om de SDG’s voor 2030 te kunnen realiseren, is er jaarlijks 5.000-7.000 miljard dollar aan investeringen nodig. Zonder kapitaal van institutionele en private beleggers is dit niet mogelijk.

Morgen zullen 18 Nederlandse financiële instellingen, met een collectief beheerd vermogen van 2.800 miljard euro, de regering en de Nederlandse Bank (DNB) uitnodigen om samen met de instellingen de SDG’s te ondersteunen. Het is wereldwijd voor het eerst dat nationale pensioenfondsen, verzekeraars en banken samenkomen rondom een gezamenlijke SDG Investeringsagenda (SDGI). De instellingen die het initiatief ondertekenden presenteren de agenda voor verdere samenwerking en gezamenlijk acties aan Lilianne Ploumen, minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking. De presentatie vindt morgen plaats tijdens de conferentie van de Global Impact Investing Network (GIIN), waar 700 institutionele en andere professionele beleggers aanwezig zullen zijn.

Het consortium van ondertekenende instellingen heeft als uitgangspunt dat het niet alleen van maatschappelijk belang, maar ook in het belang van hun aandeelhouders en zakelijke relaties is om de grote maatschappelijke uitdagingen van deze tijd mee te laten wegen in hun bedrijfsvoering en bij investeringen. In het rapport ‘Building Highways to SDG Investing’ formuleren de instellingen een aantal speerpunten om SDG investeringen in het binnen- en buitenland te maximaliseren.

Het rapport is het resultaat van een brede consultatie van zes maanden met ruim 70 medefinanciers, overheidsvertegenwoordigers en deskundigen uit de praktijk. In het rapport staan concrete voorstellen die erop gericht zijn investeringen in de SDG’s te versnellen en op te schalen. In december zullen verdere besprekingen plaatsvinden, waaronder een bijeenkomst met de financiële sector op 14 december bij de DNB.

De instellingen die het initiatief hebben ondertekend kijken ernaar uit om zich in de komende jaren gezamenlijk in te zetten voor investeringen in de SDG’s. Herman Mulder, mede-organisator van de SDGI Agenda: “In de roerige wereld van deze tijd is het belangrijker dan ooit dat de private sector initiatieven ontplooit waarmee positieve verandering een impuls krijgt. De SDG’s bieden niet alleen een uitdaging, maar ook een kans om gezamenlijk een positieve bijdrage te leveren.

Voor meer informatie:

  • Het rapport ‘Building Highways to SDG Investing’ wordt morgen om 10:00 uur gepubliceerd op www.sdgi-nl.org
  • Voor vragen kunt u contact opnemen met Veerle Berbers – SDGI Communicatie.
    +31 6 24236642 / Veerle.Berbers@c-change.io
]]>
Persbericht Tue, 06 Dec 2016 08:45:21 GMT 241303
<![CDATA[Cijfers Rabobank in EBA publicatie]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/20161202-transparency.html?utm_medium=RSS Rabobank heeft kennis genomen van de mededelingen die de European Banking Authority (EBA) vandaag heeft gedaan ten aanzien van zowel de EU-brede ‘Transparency Exercise 2016’ als het voldoen aan het besluit van de EBA.

Achtergrond van de EU-Brede Transparency Exercise 2016
In de vergadering van 20 april 2016 heeft de Raad van Toezicht van de EBA besloten in 2016 een Transparency Exercise uit te voeren. De transparency exercise zal voortaan jaarlijks uitgevoerd worden. De uitslag zal gepubliceerd worden op hetzelfde moment als de Risk Assessment Report (RAR). De jaarlijkse transparency exercise zal enkel gebaseerd worden op COREP/FINREP gegevens om te waarborgen dat marktpartijen voldoende en passende informatie ontvangen.
 
De sjablonen werden centraal ingevuld door de EBA en zijn daarna ter controle naar de banken en toezichthouders verzonden. De banken werden in de gelegenheid gesteld geconstateerde fouten te herstellen en de juiste gegevens via de reguliere COREP/FINREP-rapportagekanalen in te dienen.

]]>
Persbericht Fri, 02 Dec 2016 22:02:09 GMT 241287
<![CDATA[Rabobank bevestigt ECB kapitaalvereisten 2017]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/20161202-SREP.html?utm_medium=RSS Rabobank heeft kennisgenomen van de definitieve beslissing van de ECB over de eigenvermogensvereisten waaraan de bank met ingang van 1 januari 2017 moet voldoen.

Het besluit betekent dat Coöperatieve Rabobank U.A. (“Rabobank”) een totale SREP kapitaalsvereiste heeft van 9.75% op geconsolideerde en niet-geconsolideerde basis. De vereiste bestaat uit een 8% minimale eigenvermogens-vereiste en een 1.75% Pillar 2 vereiste.
 
De minimale CET1 vereiste is vastgesteld op 6.25% bestaande uit de minimale Pillar 1 vereiste (4.5%) en de Pillar 2 vereiste (1.75%). Daarnaast moet Rabobank in 2017 voldoen aan de gefaseerd ingevoerde gecombineerde buffervereisten bestaande uit de Capital Conservation Buffer (1.25%) en de door de Nederlandsche Bank (“DNB”) opgelegde Systemic Risk Buffer (1.5%). Dit leidt tot een totale CET1 vereiste van 9% in 2017.
 
In de jaren 2018 en 2019 zal de CET1 vereiste worden verhoogd met de verdere invoering van de Capital Conservation Buffer en de Systemic Risk Buffer (met respectievelijk 0.625%-punt en 0.75%-punt per jaar). Dit resulteert in een verwachte totale CET1 vereiste van 11.75% in 2019 . Rabobank heeft op dit moment een CET1 ratio target van minimaal 14%.
 
Per 2017 heeft de ECB de Pillar 2 vereiste gesplitst in de eerdergenoemde Pillar 2 requirement en Pillar 2 guidance. De Pillar 2 guidance is niet opgenomen in de 9% CET1 vereiste en is niet openbaar. Pillar 2 guidance is niet relevant voor de ‘Maximum Distributable Amount’.
 
Met een CET1 ratio van 13.4% per 30 juni 2016 voldoet Rabobank al aan de vereisten zoals gesteld voor 2017. De fully loaded CET1 ratio van Rabobank was 12.4% per 30 juni 2016. Met een Tier 1 ratio van 16.8% en een totale kapitaalsratio van 23.5% per 30 juni 2016 voldoet Rabobank ook ruim aan de totale SREP kapitaalsvereisten. 
 
Vereisten op niet-geconsolideerde basis
Het besluit vereist ook dat Rabobank een CET1 ratio van 7.5% behoudt op een niet-geconsolideerde basis. Deze 7.5% CET1 kapitaalsvereiste bestaat uit: de minimale Pillar 1 vereiste (4.5%), de Pillar 2 vereiste (1.75%) en de Capital Conservation Buffer (1.25%). De niet-geconsolideerde CET1 ratio van Rabobank was 16.4% per 30 juni 2016. 
 
Onderdelen van dit persbericht worden door Rabobank aangemerkt als voorwetenschap die direct of indirect op Rabobank betrekking heeft zoals bedoeld in artikel 7 van de Verordening marktmisbruik (EU 596/2014) die openbaar wordt gemaakt in overeenstemming met artikel 17 van de Verordening marktmisbruik. 

]]>
Persbericht Fri, 02 Dec 2016 07:58:52 GMT 241268
<![CDATA[Rabobank: Onzekere economische vooruitzichten vragen om robuust beleid]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/20161130-outlook-2017.html?utm_medium=RSS Nu de onzekerheid met de komst van president Trump alleen maar lijkt te zijn toegenomen, is het verstandig dat de overheid werk maakt van de structurele weeffouten in onze economie op het gebied van pensioenen, arbeidsmarkt, zorg en woningmarkt. De kleine haarscheurtjes van nu kunnen namelijk bij zwaarder economisch weer leiden tot grote barsten en erger. Nu haarscheurtjes repareren kan een efficiënte manier zijn om dit te voorkomen. Dat schrijven economen van de Rabobank in hun vandaag verschenen Visie op 2017.

Traditiegetrouw geven de Rabo-economen in de jaarlijkse Visie hun ramingen voor het komende jaar. De Nederlandse economie zal naar verwachting in 2016 met 2,0 procent groeien en in 2017 met 1,8 procent. Hans Stegeman, hoofdeconoom Nederland van de Rabobank: “De Nederlandse economie doet het dit en komend jaar iets beter dan het Europese gemiddelde. Dat komt onder meer door de opleving van de huizenmarkt en het herstel op de arbeidsmarkt. Maar Nederland blijft een kleine open economie. De internationale onzekerheden zijn met de verkiezing van Donald Trump tot Amerikaanse president alleen maar toegenomen en daarmee ook de onzekerheden rondom de verwachtingen voor 2017.”
 
Drie economische scenario’s voor Nederland
De grote economische onzekerheden vormden een aanleiding voor de economen om drie mogelijke scenario’s te schetsen voor Nederland in de periode 2018-2023, genaamd Doormodderen, Vierde Industriële Revolutie en Deglobalisering. Stegeman: “In het scenario Doormodderen, de naam zegt het al, is er geen sprake van visionair beleid en worden de structurele problemen niet opgelost. Hierdoor bedraagt de economische groei in de periode 2018-2023 jaarlijks gemiddeld 1,4 procent.
In ons scenario Vierde Industriële Revolutie blijkt dat we de productiviteitswinsten van de huidige technologische ontwikkelingen hebben onderschat en nemen de Nederlandse en Duitse overheid maatregelen om innovatie en ondernemerschap te stimuleren, onder meer door een stevige begrotingsimpuls. De jaarlijkse groei in genoemde periode komt hierin in Nederland uit op 2,3 procent en ook in de rest van de eurozone neemt de groei toe."
 
"En dan hebben we nog het scenario Deglobalisering, waarin het protectionisme in de wereld sterk toeneemt en er nauwelijks bereidheid is tot internationale samenwerking. De wereldhandel valt sterk terug, waardoor de economische groei in ons land jaarlijks slechts 0,3 procent bedraagt. De bandbreedte van de scenario’s lijkt fors, maar de beperkte economische groei in het scenario Deglobalisering is nog altijd hoger dan het gemiddelde in Nederland in de periode sinds de Grote Financiële Crisis.”
 
Uit de drie scenario’s is een aantal knelpunten van onze economie te distilleren. Stegeman: “De schade op de Nederlandse arbeidsmarkt valt in de scenario’s nog mee. Belangrijke reden hiervoor is natuurlijk de vergrijzing. Maar dit betekent niet dat er niets hoeft te gebeuren. Het grote verschil tussen zzp’ers en ‘vaste’ krachten blijft bijvoorbeeld zonder beleid een probleem. En in Vierde Industriële Revolutie blijkt dat het aanpassingsvermogen van mensen te klein zal zijn, zodat voor sommige groepen langdurige werkloosheid op de loer ligt. 
Ook valt de ontwikkeling van het besteedbare inkomen tegen. Zelfs in het scenario Vierde Industriële Revolutie is de toename van de koopkracht beperkt. Dit heeft alles te maken met het feit dat we in Nederland zaken collectief hebben ingericht. Nederlandse huishoudens hebben een relatief laag vrij beschikbaar inkomen, doordat aan de ene kant behoorlijk veel van hun vermogen vastzit in huizen en pensioenen terwijl aan de andere kant veel uitgaven, zoals voor de zorg, vooral collectief worden gefinancierd. In elk scenario is het raadzaam om de Nederlandse instituties rondom pensioen, zorg en het eigenwoningbezit aan te passen.” 
 
Wereldeconomie groeit met drie procent in 2017
In hun Visie staan de Rabo-economen ook stil bij de ontwikkelingen in de wereldeconomie en op de financiële markten. Elwin de Groot, senior markteconoom van de Rabobank: “De wereldeconomie groeit volgend jaar naar verwachting met circa drie procent. De verkiezing van Trump heeft de mondiale onzekerheid vergroot. Zowel zijn voorgenomen protectionistische handelsbeleid als de geopolitieke impact van zijn plannen zorgt voor extra onzekerheid. Ook Europa gaat een politiek onzekere tijd tegemoet en kent forse uitdagingen. Verder zien we dat de Chinese economie lijkt te stabiliseren, maar ook dat land kent nog de nodige knelpunten.”
 
De Groot vervolgt: “We verwachten dat de recente stijging van de kapitaalmarktrentes slechts van tijdelijke aard is. Door de politieke onzekerheid ligt een forse stijging van de euro ten opzichte van de dollar niet voor de hand. Tot slot verwachten wij dat staatsobligaties van landen als Italië, Griekenland en Portugal ook in 2017 gevoelig zullen blijven voor de politieke ontwikkelingen in Europa.”
 
De Visie op 2017 vindt u op www.rabobank.com/economie

]]>
Persbericht Wed, 30 Nov 2016 08:00:00 GMT 241210
<![CDATA[Rabobank: Wereldwijd blijven voedselprijzen laag in 2017]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/20161123-rabobank-global-food-prices-set-to-stay-low-in-2017.html?utm_medium=RSS Een ongekend grote voedselvoorraad houdt naar verwachting de wereldwijde voedselprijzen laag in 2017, zelfs bij de beginnende inflatie die in veel ontwikkelde economieën merkbaar is, volgens het Rabobank Global Outlook 2017 rapport.

  • Grote mondiale voedselvoorraden houden voedselprijzen naar verwachting laag, terwijl ‘wildcard’ China mogelijk deel van haar enorme reserves gaat verkopen
  • Het Trump-presidentschap brengt valutaonzekerheid met zich mee wat zal resulteren in sterk fluctuerende voedselprijzen, terwijl verkiezingen in Europa verdere onvoorspelbaarheid creëren
  • Wereldwijde demografische ontwikkelingen blijven de vraag naar vlees, zuivel en diervoeding sturen

Basisgrondstoffen zoals graan, maïs en sojabonen – belangrijke onderdelen van veevoeding – worden momenteel opgeslagen in recordhoeveelheden. Dit drukt de prijzen die men verwacht volgend jaar aan boeren te betalen.

In de Rabobank Global Outlook 2017, waarin wordt gekeken naar 13 cruciale voedsel- en agrarische grondstoffen, benadrukt de Rabobank de rol van China in het creëren van verdere onzekerheid in de markt. Het land met de meeste inwoners ter wereld heeft enorme voorraden van veel essentiële grondstoffen – geschat wordt dat China meer dan 60% van de wereldwijde katoenvoorraad in handen heeft, meer dan de helft van de maïs, 40% van het graan en 21% van de sojabonen.

Als China besluit een deel van deze reserves te verkopen, zou dit wereldwijd de prijs van grondstoffen zoals katoen, suiker, maïs, sojabonen en plantaardige olie kunnen verlagen, aldus de Rabobank.

De Rabobank verwacht dat de inflatie in de VS tot 2% stijgt in 2017. Ook in het Verenigd Koninkrijk, en tot op zekere hoogte in de eurozone, is de verwachting dat de prijzen zullen stijgen. Zelfs kleine stijgingen zoals deze kunnen genoeg zijn om later in 2017 de aandacht op grondstoffenindexfondsen te vestigen. Deze fondsen bieden dekking tegen inflatie wanneer landbouwprijzen laag blijven.

Stefan Vogel, Hoofd van Rabobank Agri Commodity Markets Research (ACMR) en een van de auteurs van Rabobank Global Outlook 2017: “Na drie jaar van dalende prijzen en vernielde oogsten door extreem weer in veel belangrijke agrarische gebieden, lijkt 2017 een jaar van nodige stabiliteit in voedselprijzen te worden. Desalniettemin betekent de ongekend grote mondiale voedselvoorraad dat de prijzen aanhoudend laag zullen blijven. Dat is goed nieuws voor consumenten, maar minder goed nieuws voor de boeren.”

“En toch is de grote onbekende in dit verhaal China. Gezien de grootte van de Chinese bevolking, de economische groei en het enorme Chinese aandeel in de wereldwijde import van agrarische grondstoffen, heeft China een gigantische invloed op mondiale voedselprijzen. Tel daarbij op de grote voorraden van de belangrijkste grondstoffen – waaronder maïs, graan en sojabonen – en elke beslissing van Chinese beleidsmakers om deze reserves te gaan verkopen zou een ingrijpend effect op de wereldwijde markten hebben door dalende Chinese import.”

De Rabobank voorspelt verder dat wispelturigheid van de wereldwijde valutamarkten in 2017 van invloed zal zijn op de agrarische grondstofprijzen. De euro zal waarschijnlijk in waarde dalen naar aanleiding van de Franse, Nederlandse en Duitse verkiezingen gedurende 2017. 

De mogelijke impact van dergelijke valutaschommelingen is al te zien in het Verenigd Koninkrijk, waar de waardedaling van het Britse pond sinds de uitslag van het Brexit-referendum in juni, de prijzen van voedselimport tot wel 16% heeft doen stijgen en tegelijkertijd agrarische export heeft opgejaagd. Het resultaat is dat de Britse graanverkoop in het buitenland op haar hoogste niveau in 20 jaar is.

Na de verkiezing van Donald Trump als president eerder deze maand, is de Rabobank voorzichtig met de economische verwachtingen voor de VS. Tijdens zijn campagne suggereerde Trump dat hij mogelijk een economisch beleid van protectionisme zal voeren. Als handelsverdragen worden herzien, zou dit zeer wijdverspreide gevolgen kunnen hebben voor de Amerikaanse import en export van grondstoffen.

Wanneer men kijkt naar individuele grondstoffen, is de verwachting dat koffieprijzen (momenteel 163,3 dollarcent per Amerikaanse pond) een sterke verdere daling zullen laten zien, met vooral voor arabica-koffie een dalend vooruitzicht. De prijs van robusta-koffie daarentegen zal gestut worden door een groot productietekort. Lagere prijzen zullen waarschijnlijk echter niet aan de consument doorberekend worden.

De Rabobank voorspelt dat de verschuiving van ontwikkelingslanden naar een meer Westers dieet gebaseerd op vlees zal aanhouden. Dit zal de consumptie – en dus ook de prijzen – van de voor de veeteelt belangrijke sojabonen (momenteel 1.020 dollarcent per bushel), varkensvlees (56,5 dollar per kwintaal) en rundvlees (108,7 dollar per kwintaal) verder doen stijgen. De Rabobank verwacht ook dat de zuivelprijzen gedurende 2017 zullen stijgen dankzij de gestaag toenemende vraag.

Stefan Vogel voegt toe: “Boeren, consumenten en grondstofhandelaars zullen allemaal de potentieel veranderlijke valutaprijzen in 2017 goed in de gaten houden. Desondanks blijft algemeen gezien de fundering sterk. De wereldbevolking neemt toe, evenals de welvaart – dit zorgt weer voor een verschuiving naar duurdere diëten die rijk aan vlees en zuivel zijn. Wij denken dat mondiale voedselprijzen in het algemeen robuust zullen blijven, zelf als boeren zich klaarmaken voor weinig of geen groei van grondstofprijzen gedurende het jaar.”

De Rabobank Global Outlook werd voor het eerst in 2010 gepubliceerd. Het rapport kijkt in detail naar de vooruitzichten voor 13 cruciale voedsel- en agrarische grondstoffen in het komende jaar. De Rabobank Global Outlook toont de kwartaalprijsverwachtingen samen met de ‘basisscenario’s’ die volgens de Rabobank het meest aannemelijke prijstraject weergeven, en de ‘hoge’ en ‘lage’ scenario’s die de risicofactoren aangeven welke de veranderlijkheid van de markt sturen.

NB: Alle grondstofprijzen zijn correct ten tijde van 13.00 uur op 22 november 2016.

Downloads]]>
Persbericht Wed, 23 Nov 2016 16:24:37 GMT 241039
<![CDATA[Rabobank: maak duurzame palmolie de norm]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/rabobank-make-sustainable-palm-oil-the-norm.html?utm_medium=RSS In de palmolie sector is de potentie maar ook urgentie aanwezig om te transformeren naar duurzaam geproduceerde palmolie. De Rabobank heeft de ambitie om hieraan samen met haar klanten een actieve bijdrage te leveren. Daarom overhandigt Bas Rüter, directeur Duurzaamheid van Rabobank, vandaag in Jakarta de visie van de Rabobank ‘Make sustainable palm oil the norm’ aan Lilianne Ploumen, minister van buitenlandse handel.

Palmolie is veruit het meest efficiënte oliehoudende zaden gewas per hectare. Naar verwachting stijgt de vraag naar palmolie de komende jaren fors (van 60 megaton in 2014 tot 70-75 megaton in 2020). Wereldwijd is palmolie namelijk een belangrijke voedselbron en de meest gebruikte plantaardige olie. Zo wordt in 50% van alle supermarktproducten palmolie verwerkt. De toename in de productie van palmolie heeft echter ook geresulteerd in grote duurzaamheidsissues zoals de kap van tropisch regenwoud en het verlies van biodiversiteit.

De Rabobank is een belangrijke speler in de palmolie sector en wil vanuit haar Banking for Food strategie een actieve bijdrage leveren aan het oplossen van de duurzaamheidsvraagstukken van de sector. Sinds 2004 neemt de bank daarom samen met onder meer klanten, het Wereld Natuur Fonds en Oxfam Novib deel aan een netwerk van stakeholders uit de palmolie keten, de Round Table for Sustainable Palm Oil (RSPO). De RSPO heeft tot doel om de productie van palmolie te laten voldoen aan alle sociale, economische en milieu criteria die ervoor zorgen dat de sector duurzaam werkt.

Dinsdag 22 november staat de aangescherpte visie van de Rabobank ‘Make sustainable palm oil the norm’ op de agenda. “Voor Rabobank is de aanscherping en publicatie van onze visie op de palmolie sector de eerste publiek zichtbare invulling van het vorige maand getekende convenant over internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen. Zo kunnen we onze positie binnen de sector optimaal benutten om alle spelers in de keten te stimuleren om duurzaam te werk te gaan”, aldus Bas Rüter. Niet alleen verwacht de bank dat haar klanten voldoen aan de minimum eisen van de RSPO. Ook ondersteunt de bank klanten bij het aanscherpen van hun ambities bovenop de RSPO eisen om de natuur te beschermen en de economische zelfstandigheid van kleine boeren te vergroten. Als onderdeel van de handelsmissie van het kabinet neemt minister Lilianne Ploumen de Rabobank visie dinsdag in ontvangst tijdens een ronde tafel over duurzame palmolie met alle belangrijke spelers uit de Indonesische palmolie industrie.

]]>
Persbericht Tue, 22 Nov 2016 10:56:46 GMT 240972
<![CDATA[World Dairy Trade Map 2016 ]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/20161116_world_dairy_map.html?utm_medium=RSS Met de World Dairy Trade Map 2016 brengt de Rabobank de uitdagingen in kaart waarmee de internationale zuivelsector de afgelopen jaren is geconfronteerd. De infographic geeft inzicht in internationale ontwikkelingen en import- en exportstromen.

De zuivelsector heeft enkele flinke klappen moeten incasseren sinds de publicatie van de vorige World Dairy Trade Map in 2013. Onder meer de volgende vijf ontwikkelingen hebben de internationale handel beïnvloed:

  • grote binnenlandse Amerikaanse vraag en sterkere dollar
  • gevolgen van afschaffen melkquota in EU
  • gematigde groei van de Chinese vraag
  • handhaving Russisch handelsembargo tot minimaal eind 2017
  • effect aanhoudend lage olieprijzen op vraag uit olieproducerende landen
Door deze ontwikkelingen zal de zuivelhandel trager groeien dan de laatste jaren. De zuivelhandel groeide in 2015 slechts met 0,3% ten opzichte van 2014. Deze groei wordt veroorzaakt door de bevolkingsgroei, niet door een hogere consumptie per hoofd van de bevolking. Nieuw-Zeeland blijft de grootste exporteur van zuivel, met 28% van de wereldexport.


VS minder bereid tot concurrentie
De sterke Amerikaanse dollar blijft de Amerikaanse exportgroei drukken. De groei van de binnenlandse vraag heeft ervoor gezorgd dat verwerkers in de VS minder interesse hebben in exporthandel. Dit wijst erop dat export uit de VS de komende jaren slechts traag zal groeien. Bovendien staan handelsovereenkomsten met de Verenigde Staten op losse schroeven als de gekozen president Donald Trump zijn campagnebeloftes kan realiseren.


Afschaffing melkquota
Het afschaffen van melkquota, het systeem dat al sinds begin jaren tachtig de productie van melk in Europa beperkt, heeft de wereldmarkt drastisch veranderd. De Europese melkproductie lag in de eerste zes maanden van 2016 9,7% hoger dan in dezelfde periode in 2013. Vanwege de trage Europese bevolkingsgroei betekent dit dat veel van die extra melk voor de export bestemd is. Deze productiegroei zal waarschijnlijk afnemen zodra Europese boeren de productiecapaciteit van hun land aanpassen en de milieuwetgeving aangescherpt wordt.


China blijft grote importeur
China blijft voorlopig een grootschalig importeur van zuivelproducten, mede door de beperkte groei van het lokale aanbod. De vraag zal ondersteund worden door de invoer van de twee-kind-politiek, stijgende consumptie in ontwikkelingsregio’s en de consumptie van meer premium zuivelproducten in ontwikkelde gebieden. Toch zal de jaarlijkse importgroei steeds gematigder zijn. Dit komt door de verschuiving richting een duurzamer groeitempo van de Chinese economie en door het voortdurend aanscherpen van de regelgeving rondom voedselveiligheid.


Het Russisch embargo
Sinds 7 augustus 2014 heeft de Russische regering een embargo ingesteld op de invoer van voedsel uit de EU, de VS, Noorwegen, Canada en Australië. Dit importverbod heeft veel invloed gehad op de zuivelindustrie, omdat Rusland destijds de op één na grootste importeur van zuivel ter wereld was. Het embargo was een reactie op de internationale sancties na de Russische annexatie van het Oekraïense schiereiland de Krim. Door de aanhoudende politieke spanningen is het embargo verlengd tot ten minste eind 2017.


De invloed van de lage olieprijzen
De prijs van zuivel wordt sterk beïnvloed door de lage olieprijzen. Dit is mogelijk te verklaren doordat een groot deel van alle geëxporteerde zuivel (9% van de totale productie) bestemd is voor olieproducerende landen zoals Saudi-Arabië, Indonesië, Algerije, Nigeria en voorheen Rusland en Venezuela. Door lage olieprijzen stokt de economische groei in deze landen, waardoor zuivelproducten minder betaalbaar worden.


World Dairy Map op Rabobank.nl

De World Dairy Trade Map is gebaseerd op data die zijn aangeleverd door ZuivelNL.

]]>
Persbericht Wed, 16 Nov 2016 18:56:54 GMT 240973
<![CDATA[Rabobank: Woningprijzen blijven stijgen, onzekerheid neemt toe]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/20161116-housingmarkets.html?utm_medium=RSS Zowel de transactie-aantallen als de prijzen van bestaande koopwoningen blijven dit en volgend jaar stijgen. Het aantal transacties komt naar verwachting in 2016 al boven het vorige recordniveau van 2006 uit. De prijzen nemen dit en komend jaar waarschijnlijk met ongeveer vijf procent toe. Het is niet te verwachten dat zo’n prijsstijging jarenlang doorgaat. Bovendien is de recente stijging van de rentes op de kapitaalmarkten na de verkiezing van Donald Trump een risico bij deze vooruitzichten. Dat schrijven onderzoekers van de Rabobank in het vandaag verschenen Kwartaalbericht Woningmarkt.

Het voortgaande herstel van prijzen en transactie-aantallen op de woningmarkt heeft een aantal oorzaken. Paul de Vries, senior woningmarktonderzoeker: “De historisch lage rente, de groeiende werkgelegenheid en het sterke vertrouwen van Nederlandse consumenten zorgen voor een toenemende vraag naar koopwoningen. Daarbij neemt de mobiliteit ook toe omdat steeds meer huiseigenaren boven water  komen. Wij verwachten dat zowel het aantal transacties als de woningprijzen in de komende anderhalf jaar blijven stijgen. Voor wat betreft het aantal verkopen voorzien we in 2016 en 2017 een groei naar circa 230.000 woningen en voor wat betreft de woningprijsindex verwachten we een gemiddelde jaarstijging van 5 procent.”
 
Hypotheekrente laag, onzekerheid neemt toe
In het derde kwartaal van 2016 is voor een bedrag van 16,4 miljard euro aan nieuwe woninghypotheken verstrekt. Dat is een stijging van 28 procent ten opzichte van het derde kwartaal van 2015. Deze stijging komt mede door een toename van het aantal transacties. Doordat de omvang van nieuwe hypotheekverstrekkingen groter is dan de aflossingen op bestaande hypotheken loopt de bruto hypotheekschuld verder op. De verkiezing van Donald Trump als nieuwe president van de Verenigde Staten zorgt voor onzekere vooruitzichten voor de renteontwikkelingen. Recent is de hypotheekrente voor langere looptijden bij veel aanbieders licht toegenomen. Onze verwachting is echter dat de hypotheekrente de komende periode relatief laag blijft.
 
Afvlakking naar nieuw normaal

Een van de belangrijkste oorzaken van de toenemende woningprijsstijgingen in de afgelopen decennia is de dalende rente. Sinds begin jaren tachtig is deze structureel gedaald. Dit en volgend jaar is dit rente-effect uitgewerkt. Vooral de toenemende koopkracht zal de prijsstijging de komende tijd ondersteunen.  De vraag is wel of de woningprijs dit patroon van steeds sterker stijgende prijzen de komende kwartalen kan vasthouden. De Vries: “De verwachting is dat de rente ook de komende jaren nog relatief laag blijft, maar niet verder zal dalen. Daarmee komt een eind aan het opwaartse effect van rentedalingen op de woningprijs. Daarbij zijn er in de afgelopen jaren beleidswijzigingen doorgevoerd, waardoor de structurele prijsstijging ook lager kan liggen. Bij elkaar leiden deze factoren tot de verwachting dat de prijsstijgingen na 2017 zullen afvlakken. Een nieuw normaal, waarbij de top van de woningprijzen in 2008 wellicht niet wordt gehaald.”
 
Het kwartaalbericht woningmarkt is te vinden op: www.rabobank.com/economie

]]>
Persbericht Wed, 16 Nov 2016 07:59:18 GMT 240890
<![CDATA[Actieplan ’Vitalisering Varkenshouderij’ formeel van start]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/20161102_vitalisering_varkenshouderij.html?utm_medium=RSS Onder leiding van voorzitter Uri Rosenthal is op 2 november de coalitieovereenkomst getekend door de regiepartners van het Actieplan ‘Vitalisering Varkenshouderij’. Namens de Rabobank tekende Ruud Huirne voor regie op de herstructuring.

De Coalitie Vitalisering Varkenshouderij, Stichting Vitalisering Varkenshouderij, de fondsen en het ontwikkelingsbedrijf als onderdeel van ‘Actieplan Vitalisering Varkenshouderij’ zijn opgericht. Hiermee is de formele start van de uitvoeringsfase van het actieplan Vitalisering Varkenshouderij gemarkeerd. Tijdens de bijeenkomst die plaatsvond bij het ministerie van Economische Zaken heeft voorzitter Uri Rosenthal kort de actuele stand van zaken van het Actieplan ‘Vitalisering Varkenshouderij’ toegelicht. Aansluitend vond de ondertekening plaats door Uri Rosenthal en de vertegenwoordigers van de drie partners uit de Regiegroep Vitalisering Varkenshouderij: Marjolijn Sonnema (directeur-generaal Agro en Natuur EZ), Ruud Huirne (Directeur Food & Agri Nederland,  Rabobank) en Ingrid Jansen (Voorzitter POV) en Eric Douma (POV).

De basis voor verandering en vernieuwing in de varkenshouderij is de erkenning door de varkenshouders dat er sprake is van een gemeenschappelijke opgave en de overtuiging dat alleen door samenwerking invulling kan worden gegeven aan een economisch toekomstbestendige én maatschappelijk gewaardeerde varkensketen. Het actieplan Vitalisering Varkenshouderij moet resulteren in hogere opbrengsten en lagere productiekosten, bijvoorbeeld door lagere keuringskosten en samenwerking op het gebied van mestverwerking. Dit moet leiden tot een stijging van het rendement op geïnvesteerd vermogen voor de varkenshouder tot 6 à 8% per jaar in 2020.

]]>
Persbericht Wed, 02 Nov 2016 13:55:57 GMT 240688
<![CDATA[Banken, vakbonden, ngo's en overheid werken samen aan mensenrechten]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/20161028_agreement_humanrights.html?utm_medium=RSS Banken, vakbonden, ngo’s en de overheid sluiten vandaag een bijzonder akkoord. Al deze partijen tekenden in Den Haag een convenant dat banken beter in staat stelt om bij investeringen en financieringen ervoor te zorgen dat mensenrechten worden gerespecteerd. Daarbij kan het gaan om aspecten als arbeidsomstandigheden, vakbondsvrijheid, kinderarbeid, en landrechten. Het convenant wordt onderschreven door 13 Nederlandse banken en geldt voor hun financieringen waar ook ter wereld.

Banken, vakbonden, ngo’s en de overheid sluiten vandaag een bijzonder akkoord. Al deze partijen tekenden in Den Haag een convenant dat banken beter in staat stelt om bij investeringen en financieringen ervoor te zorgen dat mensenrechten worden gerespecteerd. Daarbij kan het gaan om aspecten als arbeidsomstandigheden, vakbondsvrijheid, kinderarbeid, en landrechten. Het convenant wordt onderschreven door 13 Nederlandse banken en geldt voor hun financieringen waar ook ter wereld.
De totstandkoming van het ‘bankenconvenant’ is gefaciliteerd door de SER, onder onafhankelijk voorzitterschap van prof. Jacqueline Cramer. Centraal staat dat banken, vakbonden, ngo’s en de overheid overeenkomen om de individuele kennis en ervaring op het gebied van mensenrechtenrisico’s te bundelen en te delen. Het doel is banken te ondersteunen om in hun bedrijfsvoering nog beter mensenrechtenrisico’s te kunnen identificeren en daar actie op te ondernemen.
Internationale koplopers
De afspraken in het IMVO convenant zijn wereldwijd de eerste in haar soort tussen maatschappelijke organisaties, de overheid en een nationale bankensector, over de concrete invoering van de UN Guiding Principles on Business and Human Rights en de OESO Richtlijnen voor multinationale ondernemingen. Om de impact ervan te vergroten is afgesproken dat samen gestreefd wordt om ook in internationaal verband vergelijkbare afspraken te maken. Daartoe zullen partijen onder meer de Europese bankensector, de EU en de OESO benaderen.
Gezamenlijk onderzoek
Om van elkaar te kunnen leren zullen de partijen, voor eind 2017, gezamenlijk onderzoek doen en ervaringen (best practices) delen over succesvolle manieren om invloed uit te oefenen op bedrijven in risicosectoren. Ook spreken de partijen af dat analyses worden uitgevoerd van specifieke risicosectoren. Als eerste zijn dit de palmolie-, cacao- en goudsector. Om de uitvoering van dit convenant te ondersteunen wordt een stuurgroep ingesteld.
Kennis, ervaring en transparantie
Diepgaande en actuele kennis over mensenrechtensituaties en alle factoren die deze positief en negatief kunnen beïnvloeden en de bereidheid deze kennis te delen, zijn noodzakelijk. Daarvoor is intensieve samenwerking tussen de partijen, die elk vanuit hun eigen perspectief over bruikbare informatie beschikken of daar toegang toe hebben, onontbeerlijk. Daarom zullen de partijen een gezamenlijke database ontwikkelen, waarin betrouwbare informatie over mensenrechtenrisico’s in landen en sectoren wordt verzameld. Banken kunnen mede op basis hiervan beslissingen nemen over financiering van projecten en ondernemingen.
Banken zullen zelf meer transparantie bieden over de wijze waarop zij hun verantwoordelijkheid ten aanzien van mensenrechten invullen, over hun investeringsportefeuilles, de screening van hun klanten en hun dialoog met klanten indien die onverhoopt toch betrokken raken bij mensenrechtenschendingen. Ook zullen banken hun klanten bij projectfinancieringen verplichten om een klachtenmechanisme voor (potentiële) slachtoffers van mensenrechtenschendingen op te zetten zoals vastgelegd in de OESO Richtlijnen voor multinationale ondernemingen en de UN Guiding Principles for Business and Human Rights. Daarnaast zullen de banken bij bedrijfsfinanciering met hoge risico’s op mensenrechtenschendingen hun klanten stimuleren om mensen die daardoor benadeeld kunnen worden de gelegenheid te geven om hun klachten kenbaar te maken. Gezamenlijk wordt aan de hand van voorbeelden onderzocht waar de medeverantwoordelijkheid van banken voor het beleid van hun zakelijke partners in redelijkheid begint en eindigt.
Tweede convenant
Het Convenant Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen in de bancaire sector, is het tweede convenant op dit gebied in korte tijd. Op 4 juli werd het IMVO convenant in de textielsector ondertekend. In de komende periode wordt gewerkt aan de ontwikkeling van soortgelijke convenanten in een aantal andere sectoren. De convenanten volgen op het SER-advies van 2014, waarin wordt bepleit dat sectoren en bedrijven zelf het initiatief nemen om convenanten over IMVO af te sluiten met de overheid, vakbonden en maatschappelijke organisaties.

Lijst ondertekenaars:
Ministerie van Buitenlandse Zaken, Ministerie van Financien , Nederlandse Vereniging van Banken, FNV, CNV, Oxfam Novib, Amnesty International , Pax, ABN AMRO, ASN Bank, ASR Bank N.V., BNG Bank, van Lanschot Bankiers N.V., FGH BANK N.V., ING Groep N.V., Intesa Sanpaolo Bank, Luxembourg S.A., Amsterdam Branch, Nederlandse Financierings-Maatschappij voor Ontwikkelingslanden N.V., NWB Bank, Rabobank, SNS Bank N.V., Triodos Bank N.V.

]]>
Persbericht Fri, 28 Oct 2016 09:30:53 GMT 240517
<![CDATA[Rabobank: Toenemende stijging verkoop biologisch voedsel; Nederland zit in de middenmoot]]> https://www.rabobank.com/nl/press/search/2016/rabobank-sales-of-organic-food-are-very-much-on-the-up-in-western-europe-and-the-us.html?utm_medium=RSS De verkoop van biologisch voedsel toont een toenemende stijging in West-Europa en de Verenigde Staten. Nederland gaat volop mee in deze groei, maar blijft Europees gezien in de middenmoot.

De biologische voedselindustrie in Nederland, West-Europa en de Verenigde Staten ondervindt een langdurige periode van groei die oploopt tot in dubbele verkoopcijfers -en tegen de achtergrond van de aanwezige bezwaren van consumenten op het gebied van gezondheid, voedselveiligheid en milieu en dierenwelzijn- verwacht de Rabobank dat deze trend zich zal voortzetten.

Voor Nederland verwacht de Rabobank dat biologische voeding de komende 10 jaar haar marktaandeel zal verdubbelen naar bijna 7 procent van de totale levensmiddelenmarkt.

“Tot 2025, zal de verkoopprognose van biologische voeding in Nederland, West Europa en de Verenigde Staten groeien (CAGR) met 7 procent, 6.7 procent en 7.6 procent. Dit is ruwweg drie maal sneller dan de totale groei van de voedselconsumptie.” zegt John David Roeg, Senior Consumer Foods analist bij de Rabobank. “Voedingsproducenten zouden hun focus op biologische voeding moeten vergroten door ontwikkeling van nieuwe producten en merken of door herformulering van bestaande producten die helpen bij de groei van hun omzet. Dit zal ook hun positionering als verantwoord bedrijf ondersteunen.”

Voor meer informatie over het rapport:
John David Roeg: johndavid.roeg@rabobank.com Tel: 030 7121572
Sebastiaan Schreijen: sebastiaan.schreijen@rabobank.com Tel: 030 7123831

Informatie over biologische voeding in Nederland zie infographic en persbericht naar aanleiding van een onderzoek door GFK in opdracht van de Rabobank.

]]>
Persbericht Food & Agri Mon, 24 Oct 2016 14:00:00 GMT 240250