Bedrijfsopvolging lastig onderwerp voor Ghanese boer

Jongeren nodig voor duurzame verandering cacaosector

Oude bomen, oude boeren en uitgeputte gronden: de cacaoteelt in West-Afrika levert weinig op. En juist jonge boeren die voor een duurzame omslag kunnen zorgen, trekken weg. Er moet iets veranderen. Een farm family businessplan kan uitkomst bieden.

Cacao wordt in West-Afrika ook wel de old man’s crop genoemd. De meerderheid van de − vaak oudere − boeren worstelt en ploetert op een perceel van 0,5 tot 5 hectare om de kost te verdienen. Zodra de grond uitgeput raakt en cacaoplanten niet meer productief zijn, kappen de boeren een nieuw stukje grond uit in het oerwoud in plaats van te herinvesteren in oude gronden. Hierdoor is cacao in West-Afrika een belangrijke oorzaak van ontbossing.

Druk op volgende generatie

“Door bodemdegradatie en de gevolgen van klimaatverandering zal de volgende generatie cacaoboeren nog sterker onder druk komen te staan”, zegt Sander Muilerman, programmamanager Climate Smart Cocoa bij de World Cocoa Foundation (WCF). Deze organisatie vertegenwoordigt zo’n 80 procent van de wereldwijde cacao- en chocolademarkt. “Dit betekent dat er nú geïnvesteerd moet worden in duurzame businessmodellen en diversificatie, dat de oude cacaopercelen nú herbeplant moeten worden met nieuwe en sterke cacaoplanten, andere voedselgewassen en schaduwbomen om de grond gezond te houden.”

“De omslag zal echt van de nieuwe generatie moeten komen”

- Sander Muilerman, programmamanager Climate Smart Cocoa bij de World Cocoa Foundation

“Maar deze omslag kun je niet verwachten van de huidige generatie alleen: de vaak oudere boeren hebben noch de kennis, noch het geld of de middelen voor een duurzame bedrijfsvoering. Het zal echt van een nieuwe generatie moeten komen”, aldus Muilerman.

Bedrijfsopvolging niet geregeld

Dit vereist dat jonge boeren veel eerder bij het familiebedrijf betrokken worden dan nu. Erfopvolging is echter een lastig onderwerp in de Ghanese cultuur, weet Corné de Louw, projectmanager bij Rabo Partnerships. In opdracht van grote cacaoproducenten als Touton en Barry Callebaut werkt hij onder meer in West-Afrika aan projecten die bijdragen aan verduurzaming van de cacasosector. “In Ghana is bedrijfsopvolging onbespreekbaar binnen de familie. Het is dan alsof een kind tegen zijn ouder zegt: ‘Ik denk dat je binnenkort doodgaat.’ Hierdoor wordt de bedrijfsopvolging niet in goed overleg geregeld. Het gevolg is dat boeren vaak niet meer in hun bedrijf en grond investeren, maar deze volledig uitputten. Hun kinderen zien geen perspectief meer in het platteland.”

“In Ghana is bedrijfsopvolging onbespreekbaar binnen de familie”

- Corné de Louw, Senior Projectmanager Agribusiness & Cooperative Development bij Rabobank Development

Farm family businessplan

Om dit taboe-onderwerp toch bespreekbaar te maken, is volgens De Louw een farm family businessplan nodig: een herstel- en -investeringsplan voor de cacaobedrijven van boerenfamilies over een periode van twee of meer generaties. Hierin wordt bedrijfsopvolging meegenomen als een puur zakelijk onderdeel. De Louw: “Zo’n businessplan bevat allerlei afspraken. Bijvoorbeeld over multi-jaarambities en investeringsbehoeften, maar ook over de bijdragen, belangen en aanspraken van de betrokken familieleden.” Als een externe adviseur daarmee helpt, zonder de nadruk op overerving te leggen, is een gesprek tussen familieleden wél goed mogelijk. Op die manier kunnen de kinderen twintig jaar eerder een rol in het familiebedrijf gaan spelen, bijvoorbeeld bij het renoveren en diversifiëren van verouderde aanplant. De Louw ziet hierbij een rol weggelegd voor lokale coöperaties, die de boeren helpen bij het opzetten van hun businessplan.

Zakelijk solide

Muilerman noemt het farm family businessplan noodzakelijk voor een toekomst¬bestendige cacaoteelt: “Verschillende generaties móeten samenkomen om te investeren in een bedrijfsvoering die ondernemend, climate-smart en zakelijk solide is over de generaties. Hiervoor hebben de families advies, financiële producten en professionele diensten nodig.” De Louw: “Daarom gaan we onze aanpak verder uitwerken met partners zoals de World Cocoa Foundation en leidende partijen in de cacao-industrie, zoals Touton en Barry Callebaut. En als Rabobank gaan we de plaatselijke banken waarmee we werken helpen om het farm family businessplan te financieren. Er zijn geen simpele oplossingen voor complexe problemen, maar als iedereen zijn rol pakt, kunnen we het tij nog keren.”