Zoektocht naar plantaardige eiwitten

Alle wereldbewoners samen eten steeds meer dierlijke eiwitten, zoals vlees. Dieren hebben in hun voer plantaardige eiwitten nodig om dat vlees te produceren. Kan het aanbod van eiwitten voor diervoer de komende tien jaar de vraag wel bijbenen? Clara van der Elst, analist bij Rabobank Food & Agribusiness Research, deed onderzoek naar deze wezenlijke vraag voor de voedselvoorziening.

Geen vlees, geen eieren, geen vis, geen melk voor de mens als er geen plantaardige eiwitten zijn voor dieren. Want net als mensen, hebben dieren goede voeding nodig. Energie en eiwitten zijn hoofdbestanddelen van goede diervoeding. Voor energie zijn andere grondstoffen nodig dan voor eiwitten. Maïs, tarwe en andere granen zijn de belangrijkste energiebronnen voor dieren. En de eiwitten? Runderen halen eiwitten ook uit gras, maar varkens en kippen zijn voor hun eiwitten vooral aangewezen op sojameel.

Vraag naar eiwitten voor veevoer blijft groeien

De afgelopen tien jaar steeg de benodigde hoeveelheid eiwitten voor diervoer met meer dan 50 procent tot ruim 250 miljoen ton. Ook de prijzen gingen flink omhoog tot eind 2014. De volumegroei blijft, zo geeft Rabobank-analist Clara van der Elst aan. Wereldwijd zal in 2023 de vraag naar plantaardige eiwitten voor diervoer 90 miljoen ton (37 procent) hoger zijn dan in 2013.

Deze cijfers volgen uit een rekenmodel van Rabobank Food & Agribusiness Research. Het model voorspelt de wereldwijde behoefte aan veevoer op basis van een hele reeks aan gegevens. Denk dan niet alleen aan de verwachte productievolumes voor bijvoorbeeld rundvlees, varkensvlees, pluimveevlees en eieren. Het model rekent ook met de efficiency waarmee een dier voer omzet in groei.

Het rekenmodel is wezenlijk voor inzicht in de wereldvoedselvoorziening en heeft directe waarde voor klanten van de Rabobank in bijvoorbeeld de veehouderij. Van de ruim 90 miljard euro krediet die de Rabobank wereldwijd heeft uitstaan in de landbouw- en voedselsector, heeft 40 procent betrekking op productie van dierlijke eiwitten.

Verschuiving naar kippenvlees

Dat de wereldbewoners samen steeds meer vlees, vis en zuivel eten, is de belangrijkste oorzaak van de grotere vraag naar eiwitten voor diervoer. Wereldwijd wordt er jaarlijks bijvoorbeeld meer dan 110 miljoen ton kippenvlees verorberd, ruim 50 procent meer dan begin deze eeuw. Van der Elst: ‘Mensen buiten Europa en Amerika eten steeds meer vlees. Het accent ligt daar op kippenvlees, vis en schaaldieren. In westerse markten, waar de vleesconsumptie afneemt, is een verschuiving van varkens- en rundvlees naar kippenvlees en vis. Zowel kippen als vissen zetten voer sneller en efficiënter om in vlees, maar hebben wel voer nodig met meer eiwitten.’

Verstedelijking zorgt voor vraag naar beter en veiliger vlees

Van belang is ook de modernisering van de veehouderij. Wereldwijd vindt nu 65 procent van de veehouderij plaats op de zogenoemde moderne bedrijven, het type veehouderij dat in Noord-Amerika, Europa, Australië en Nieuw-Zeeland gemeengoed is. De rest van de productie in met name Azië en Afrika gebeurt op traditionele, kleinschalige familiebedrijfjes. Dieren krijgen voer dat lokaal voorhanden is en afval, waaronder etensresten. Vaak verstrekken zij ook te weinig eiwitten aan dieren. Van der Elst: ‘Met de toenemende verstedelijking, stijgt de vraag naar kwalitatief beter en veiliger vlees. Daarom schakelen boeren over op modern voer, dat voornamelijk bestaat uit sojameel en maïs. Met name door deze modernisering, zal in de toekomst voor elke kilo dierlijk eiwit meer plantaardig eiwit nodig zijn.’

‘Met name door modernisering van de veehouderij, zal in de toekomst voor elke kilo dierlijk eiwit meer plantaardig eiwit nodig zijn.’

Clara van der Elst, analist at Rabobank Food & Agribusiness Research.

Beperkingen aan de groei

Kan de productie van planteneiwitten voor diervoeders groeien? Van der Elst geeft aan dat dat kan, maar er zijn beperkingen. Zo kunnen slechts enkele gewassoorten voor die eiwitten zorgen. En uitbreiding van de oppervlakte of een hogere opbrengst per hectare, kan niet zonder aandacht voor duurzaamheidsvraagstukken, zoals landrechten van oorspronkelijke bewoners en behoud van biodiversiteit.

Voer op efficiëntere manier omzetten in vlees

Wat kunnen bedrijven verder doen? Als eerste wijst Van der Elst op het belang van onderzoek, ontwikkeling of technologie, bijvoorbeeld voor een betere samenstelling van voer, betere voeromzetting door dieren en ontwikkeling van alternatieve eiwitten voor diervoer. Van der Elst: ‘Een tweede sleutel tot succes is nauwe samenwerking en mogelijke integratie van bedrijven die in aangrenzende schakels van de keten opereren.’

Blijft het daarbij? Van der Elst benadrukt het belang van de zoektocht naar alternatieve eiwitbronnen, waar de Rabobank ook bij betrokken is. Denk aan etensresten en slachtafval, wat niet meer aan dieren gevoerd wordt. ‘Etensresten en slachtafval kunnen wel een voedingsbodem zijn voor algen, eendenkroos of insecten. En dat zijn weer belangrijke eiwitbronnen.’

Lees meer