Rabo Food Forward Track sessie 3

Waarom spoelen we nuttige grondstoffen door de wc?

Theo Mulder (59) volgde eens een cursus voor boeren, waarbij de cursisten de mogelijkheid kregen de koeienmest van hun bedrijf te laten onderzoeken in een laboratorium. Theo stuurde zijn eigen poep. Het weekend na de cursus pakte hij een emmer en ging erboven hangen. Hij mengde zijn poep met urine, deed het in een pot en stuurde het op.

“Mijn vrouw vond het maar gek, maar ik was benieuwd”, zegt Mulder. “Het fosfaat dat we gebruiken om grond te bemesten wordt uit koeienpoep gehaald. Ik wilde weten hoeveel bruikbare stoffen er zoal in mijn eigen uitwerpselen zaten.”

De agrariër, die een eigen fouragebedrijf heeft dat veevoer en meststoffen levert aan boeren, omschrijft zichzelf als een ‘creatieve denker’. Al 25 jaar verdiept hij zich in het leven in de bodem, door hem omschreven als ‘de maag van de wereld.’ Niet gek dus dat hij een van de Friese ondernemers is die door de Rabobank gevraagd is aan te schuiven bij de eerste Food Forward Track Friesland, een initiatief dat regionale professionals uit de agrosector bijeen brengt, om na te denken over oplossingen voor het voedselvraagstuk.

Ideeën voor innovatieve en relevante producten

Hoe kunnen we er op een economische en ecologische verantwoorde manier voor zorgen dat de groeiende wereldbevolking ook in de toekomst genoeg te eten heeft? En, welke rol kan Friesland daarin spelen?

In de derde van vijf bijeenkomsten wordt deelnemers gevraagd in groepen ‘innovatieve’ en ‘relevante’ producten en diensten te bedenken die bijdragen aan deze duurzame ‘voedseltoekomst’. Aanleiding voor Mulder om zijn mest-anekdote van stal te halen. “Zo’n driekwart van de fosfaat dat gebruikt wordt in de landbouw wordt geïmporteerd uit Afrika, tegelijkertijd bleek uit de resultaten van het laboratorium dat uit mijn uitwerpselen op jaarbasis ongeveer twee kilo fosfaat te halen is.” Koeienmest bevat wel twintig keer zoveel fosfaat, maar toch zegt het wat over de inrichting van onze voedingsindustrie, vindt Mulder. “Het is een essentiële grondstof voor boeren. We halen het voor de neus van onze Afrikaanse collega’s weg en tegelijkertijd spoelen we het hier door de wc. Dat kan efficiënter.”

De afgelopen maanden heeft Mulder flink gelobbyd om het terugwinnen van mineralen uit menselijke afvalstromen op de kaart te zetten. Hij vroeg anderen zijn voorbeeld te volgen en hun uitwerpselen te laten analyseren. Zo’n twintigtal bekenden en lokale politici gaven gehoor. Maar eerst zijn Mulder en zijn mede-deelnemers nog druk met de opdracht van de Track.

Van ideeën naar concrete plannen: best lastig

De tijd dringt. Zo meteen presenteren alledrie de groepen hun eerste resultaten, maar het vertalen van kennis en inzichten in concrete, realistische plannen blijkt lastiger dan gedacht. Want op wie richt je je? Kinderen? Politici en beleidsmakers? of toch boeren? En kun je in één zin beschrijven waarom überhaupt een oplossing nodig is voor het probleem dat je aanpakt?

Aan de hand van deze vragen probeert ontwerper Beatrijs Voorneman van Reframing Studio de deelnemers te helpen de stap te maken van wilde ideeën (“Wat als we alle benodigde stoffen voor de mens in een pil stoppen en eten verbieden”?) naar een toepasbaar ontwerp.

Aan het eind van de ochtend worden vier ideeën gepitcht. Er is een plan om een voedingsmarkt te openen. Een voedingsmarkt is een supermarkt, maar dan met enkel etenswaren die precies laat zien welk product waar vandaan komt. Een andere deelnemers stelt voor om lesmateriaal te ontwikkelen voor kinderen, om de kennis onder de consumenten van de toekomst over de agrarische sector te vergroten. “Ieder mens gaat via een school de wereld in, dus liggen daar de meeste kansen”, aldus de initiatiefnemers.

“Boerderijen moeten de apothekers van de toekomst worden”

Mulder en zijn groepsgenoten onderstrepen dat bij het ontwikkelen van een nieuw product de natuur voorop moet staan. Weg met de ‘If you’re ill, take a pill’-mentaliteit, boerderijen moeten de apothekers van de toekomst worden, vinden zij. Tot een concreet voorstel om die ambitieuze gedachte te realiseren kwam het vandaag nog niet, maar dat is niet erg. “Laat het komende dagen doorsudderen in je hoofd. Overleg, test en evalueer. Een ontwerp is nooit in een keer af”, besluit Voorneman, terwijl ze de deelnemers nog wat tips meegeeft.

Overal inspiratie, ook in de wc

Mulder knikt, nu het doel duidelijk is, volgen de ideeën vanzelf: “Zo’n leerproces gaat nooit lineair, maar altijd in stapjes”, zegt hij. Bovendien bewees hij al eerder dat inspiratie voor voedselinnovaties overal te vinden is. Zelfs in de wc.

Tekst: Marlie van Zoggel