Zelfrijdende agri-machines sparen de bodem

Lichtgewicht landbouwmachines, daar werken Nederlandse bedrijven en universiteiten aan binnen SMARAGD. Daarmee moet de bodemkwaliteit verbeteren, de oogstopbrengst stijgen en de milieu-impact afnemen.

Door schaalvergroting in de landbouw worden de machines steeds groter en zwaarder. Gevolg: de bodem verdicht. Daardoor komen wortels er moeilijker doorheen, zakt regenwater niet weg en kan grondwater in droge periodes niet naar boven. Dus brengen de gewassen minder op en gaat de bodemkwaliteit achteruit.

SMARAGD is een publiek-privaat samenwerkingsverband tussen elf bedrijven en twee universiteiten. Het doel van die coalitie is om het landbouwmachinepark dusdanig aan te passen dat de bodemverdichting afneemt en de kwaliteit toeneemt. Als bonus moet de omslag worden gemaakt naar elektrische aandrijving.

“Binnen SMARAGD dromen we van hele lichte, zelfrijdende machines. Heb je geen personen meer nodig, dan maakt het namelijk niet uit of je als boer met één grote of honderd kleine machines werkt. Terwijl honderd lichte machines veel minder schadelijk zijn voor het land”, zegt Herman Schoorlemmer, expert duurzame landbouw van Wageningen University & Research.

“Honderd lichte machines zijn veel minder schadelijk”

- Herman Schoorlemmer, Wageningen University & Research

Machinepark op de schop

Het ontwikkelen van prototypes staat centraal bij SMARAGD. Ook kijken de partners naar zaken als wetgeving, ICT-standaarden en inpassing in de bedrijfsvoering. Omdat het machinepark op de schop moet, kan het ook geschikt worden gemaakt voor nieuwe werkwijzen die zorgen voor meer opbrengst en minder milieu-impact. Zoals het rijpadensysteem, intercropping en precisielandbouw.

Binnen het rijpadensysteem rijdt de landbouwer nog slechts over vaste rijpaden, in plaats van over het gehele perceel. Jeroen Nijenhuis, die namens landbouwcoöperatie Agrifirm in verschillende commissies van SMARAGD zit, legt uit: “Zo spaar je de bodem en kun je tot wel tien procent meer oogsten. Net zoals voor intercropping geldt echter dat de huidige generatie landbouwmachines hier niet tot nauwelijks geschikt voor is.”

Bij intercropping worden meerdere soorten gewassen op een perceel geteeld. Nijenhuis: “Zet je bijvoorbeeld een paar rijen uien naast een paar rijen wortels, dan ontwikkelen plagen zich niet zo snel en concurreren planten minder om voedingsstoffen, water en zonlicht. Daardoor brengt het land tot twintig procent meer op en spaar je het milieu, want je gebruikt minder meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen.”

Locatiespecifiek bemesten en beschermen

SMARAGD moet ook precisielandbouw mogelijk maken. Daarbij analyseren camera’s en sensoren de gewassen. Zo weet een boer exact hoeveel gewasbeschermingsmiddelen en meststoffen er op een bepaalde plek nodig zijn. Drones of lichte, zelfrijdende spuitmachines kunnen dit vervolgens zeer nauwkeurig verspreiden zonder de bodem aan te tasten. Komend jaar wordt op het proefveld al een machine uitgetest die op basis van beeldherkenning onkruid kan onderscheiden.

De beeldherkenningstechnologie was bij de aftrap van SMARAGD in het voorjaar van 2017 al een heel eind gevorderd. “Pas over een jaar of vijf kunnen we de eerste machines verwachten die helemaal binnen het project zijn ontwikkeld”, voorspelt Gea Bakker, die als sectormanager Food & Agri van de Rabobank deelneemt aan het project. “De grote vraag is in hoeverre we daarna kunnen opschalen.”

Los van de vele technologische hordes die moeten worden genomen, ligt bij die opschaling volgens Bakker de grootste uitdaging: “Momenteel heerst nog vooral de mindset ‘eerst zien, dan geloven’. Gelukkig ziet een grote groep wel de urgentie. Omdat veel verschillende partijen deelnemen aan dit project met allemaal hun eigen expertise, verwacht ik dat het draagvlak om de prototypes te produceren en in gebruik te nemen uiteindelijk groot is.”

“Een grote groep ziet hier de urgentie van in”

- Gea Bakker, Rabobank

Meer opbrengst, minder milieu-impact

Naast financiering stelt de Rabobank ook zijn kennis en netwerk beschikbaar voor SMARAGD. Bakker: “Onze landbouwgrond moet nu eenmaal een stuk meer gaan opbrengen om de groeiende wereldbevolking te kunnen voeden, met minder impact op het milieu. Dat nemen wij zeer serieus. Niet in de laatste plaats omdat we de leidende bank zijn binnen de agrarische sector.”

Blijken de machines succesvol in Nederland? Dan kunnen ze ook in het buitenland worden geïntroduceerd. “In Nederland is landbouwgrond schaars en duur, dus is er voor ons meer noodzaak om met dit soort innovaties te komen”, stelt Nijenhuis, die namens Agrifirm veel bij buitenlandse akkerbouwers komt.

“Ziet men in het buitenland eenmaal dat deze innovaties zorgen voor meer opbrengst met minder impact op het milieu, dan stappen ze graag over. Uiteindelijk kan zo de hele wereld van de nieuwe technieken profiteren.”